Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERKLARING DER TABELLEN.

Bij LES 1.

e, in gesloten lettergreep; r, l, m, h, w. f, d en t.

De meest voorkomende woorden in de Xederlandsche taal hebben in de gesloten hoofdlettergreep den klinker e. Wij zeggen hier, in de gesloten hoofdlettergreep; daarmede bedoelen wij een lettergreep, die met een medeklinker begint en eindigt. De medeklinker (enkelvoudig of samengesteld) vóór den klinker heet aanvangsmedeklinker en die welke achter den klinker staat, slotmedeklinker. Men neme in aanmerking, dat het spellen in de stenographie, geheel afwijkt van het spellen in de taal; wij spellen: dee-len, fe-me-len, red-den, maar de stenograaf spelt; deel-en fein-el-en, redd-en.

Bij f licht is dus de aanvangsmedeklinker l, de slotmedeklinker cht. bij schrijf de aanvangsmedeklinker schr, de slotmedeklinker ƒ.

Rechts open lettergrepen noemen wij die lettergrepen, welke geen slotmedeklinker hebben, zooals bijv. stroo, zee, enz.

Onder links open lettergrepen, verstaan wij lettergrepen, welke geen aanvangsmedeklinker bezitten, bijv. de woorden oot, eer, urm, enz.

Geheel open lettergrepen zijn die, welke noch aanvangs-, noch slotmedeklinker hebben, bijv. <■/', o, Mar-io. Maria bestaat uit één gesloten lettergreep, namelijk Mar en uit twee open lettergrepen zijnde i en ft.

Het gebruik van hoofdletters is in de stenographie onbekend; wij schrijven bijgevolg de woorden Nederland, Wilhelinina en Saksen-Weimar met gewone letters.

Evenals in ons gewone schrift, onderscheiden wij ook in de stenographie teekens van verschillende hoogten. In het Stolze'sche systeem gebruiken wij halflijnige, eenlijnige, twee en drielijnige teekens.

liij het openslaan van ons cahier, ontdekken wij één doorgetrokken lijn en vier dunne of gestippelde lijnen. Deze laatsten zijn hulplijnen.

De doorgetrokken of dikke lijn noemen wij de grond- of h<>< fit-

Sluiten