Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van Behring-zee naar Amsterdam.

Om bederf te voorkomen, worden de huiden zonder eenig tijdverlies afgestroopt en naar het zouthuis gebracht. Hier worden zij in troggen op elkander gestapeld, pelt tegen pelt, met een dikken tusschenlaag van zout. Na ongeveer veertien dagen zoo gelegen te hebben, worden zij twee aan twee, huid tegen huid, in bundels stevig saamgebonden en van twintig tot vijf-en-twintig van deze bundels tezamen in vaten verpakt, om via San Francisco en New-York naar London te worden verscheept.

Onnoodig te zeggen, dat de leek, deze vaten in dien toestand beziende, niet het minste vermoeden zou hebben, dat volgens den huidigen marktstandaard elk zoo'n vat een waarde vertegenwoordigt van duizenden guldens.

In Londen aangekomen, worden de huiden in pakhuizen opgeslagen, naar grootte en kwaliteit gesorteerd en met de letters L. A. geperforeerd. Dit merk beteekent Lampson's (de verkoopende makelaars) „Alaska" en blijft het kenmerk van echtheid in de huid totdat deze U wordt aangeboden in zijn prachtig fluweelachtigen toestand.

Op enkele uitzonderingen na wordt jaarlijks in de maand December het geheele product van het laatste voorjaar door voornoemde makelaars te Londen in publieke veiling verkocht in Lots (kavelingen) van 80 tot 100 stuks.

Ruim 20 jaren geleden was de gemiddelde opbrengst dier vellen ter veiling circa vier Pond Sterling (ongeveer acht en veertig gulden), terwijl op de in December 1908 gehouden veiling het cijfer van £ 11.18.— (dus circa honderd vijf-en-veertig gulden) per huid werd bereikt.

Sluiten