Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'k zou er den ganschen avond mee kunnen vullen, alleen U wijzen op eenige, die zich onder ons schijnen te handhaven, en noem dan de perubalsem, medicamentum redivivu^, door Nanninga zoo geroemd, de collargol door Eerkes in onze welwillendheid aanbevolen, het veronal de adrenaline, de diuretine, urotropine en helmitol, de aspirine, orthoform, enz. enz.

De curieuse lijst der volksgeneesmiddelen, die alle mogelijke levende en doode stoffen omvat, van pediculi capites op de boterham tot faces hominis op etterende wonden, schijnt in de jongste jaren minder de voorliefde der collega's te bezitten. Intusschen, zal U wel duidelijk zijn geworden dat een pharmacopee-commissie van onze afdeeling, bestaande uit de heeren A. \V. Tresling, Slingenberg, Heckman en H. Tresling in de vergadering van November 18(>9 een gedegen rapport heeft hunnen overleggen,

M. H. Ik heb getracht U onzen wetenschappelijken arbeid te schetsen : Daarmee is nog slechts een deel van Oldambt's werkzaamheid aangegeven. Ook het le doel door den eersten Voorzitter der Maatschappij gememoreerd, de behartiging der geneeskundige wetten is door Oldambt niet vergeten. Zelfs was de belangstelling van onze afdeeling in de noodzakelijk geworden wijziging der geneeskundige wetten van vóór 1865 van dien aard dat er in dien tijd geschil door ontstond tusschen het H. B. der Maatschappij en onze leden, 't welk echter gelukkig niet tot een breuk leidde. En later, werd de noodige aandacht gewijd aan de ontwerpen der nieuwe gezondheidswetten van Goeman Borgesius, die op een buitengewone vergadering van 12 December 1899 uitvoerig werden besproken, terwijl ons de werkkring van de nieuw geschapen Inspecteurs van de Volksgezondheid en de taak der gezondsheidscommissie in de vergadeflng van October 1902 door den heer Pijnappel, hoofdinspecteur, uitvoerig werd uiteengezet. Aan de praktijk dezer wetten namen de heeren Haakma Tresling, voormalig lid van den geneeskundigen raad van Friesland en Groningen, Adriani Engels en Van Olm, Bekenkamp en Brouwer deel door hun lidmaatschap van gezondheidscommissies.

Sluiten