Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de verre toekomst zelfs, de zaak der Nederlandsche staatseenheid geschaad, en de kracht der Republiek naar binnen en naar buiten aanmerkelijk verzwakt. Diep te betreuren is het, dat zijne tegenpartij hare zegepraal heeft moeten behalen door middelen, die, getoetst aan de grondstellingen en de praktijk der Unie van Utrecht, bezwaarlijk te verdedigen zijn, en dieper nog, dat de zware vonnissen zijn geveld en uitgevoerd, die aan de Meimaand van 1619 zulk eene sombere herinnering verbinden, — dat aan Oldenbarnevelt althans door Prins Maurits, ook ongevraagd, geen genade is geschonken. Dat die beide mannen, die 35 jaren tezamen hadden gewerkt voor het vaderland, elkander hebben bestreden ten doode toe, is en blijft onuitsprekelijk droevig. Maar dat mag het oog niet doen sluiten voor de waarheid van de gevolgtrekking, waartoe de studie van de historie der Republiek noodwendig leidt: dat het stelsel der gewestelijke souvereiniteit, door Johan van Oldenbarnevelt zoo sterk op den voorgrond gebracht, allernadeeligst heeft gewerkt op de eenheid van den staat, en dat het de Republiek lichtelijk had kunnen te gronde richten. Terecht was in de i8e eeuw Slingelandt van meening, dat het te verwonderen was dat zij nog bestond. Zoo zij des ondanks zich zoo lang met eere handhaafde, zij had het in de eerste plaats te danken aan de Prinsen van Oranje.

Er is in de wereldgeschiedenis schier geen tweede voorbeeld van een volk, dat in de korte spanne tijds van een halve eeuw zich zoo bewust is geworden van eigen kracht, en zich daardoor heeft verheven tot zulk eene hoogte als het onze. Alleen de geschiedenis van het

Sluiten