Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verder. Zij liet door haren secretaris Bartholomeus Peti, die met zulk werk vertrouwd was, een request ontwerpen voor de Staten; dit werd aan de Gecommitteerde Raden overgeleverd, die door gunstig appoinctement op Maandag 22 Nov. van het jaar 4655 het verzoek inwilligden.

Dit is de eerste maal, dat in de Handelingen van den kerkeraad een datum genoemd wordt. Met zekerheid kan niet gezegd worden, hoeveel tijd er tusschen de opeenvolgende handelingen verloopen is. Het geheel maakt den indruk, dat het verloop zeer kort is geweest.

Van de beslissing der Gecommitteerde Raden werd onmiddellijk bericht gezonden aan de classis. Deze besloot aanstonds »de plaetse van de Oudeweeteringhe te openen«. Zij vaardigde daartoe af Ds. Petrus van Eijndthoven. Deze heeft zijn opdracht onmiddellijk volbracht. Letterlijk zegt daarvan het kerckeboek: »die ook deselve inwijinghe gedaen heeft op den 5 Dec. 1655.« Deze dag viel op Zondag. Nog geen volle 14 dagen waren verloopen sedert de toestemming der Gecommitteerde Raden verkregen was.

Ds. van Eijndthoven koos bij die gelegenheid tot tekst Ps. 118 ; 23—25: »Dit is van den Heere geschied, en het is wonderlijk in onze oogen. Dit is de dag, dien de Heere gemaakt heeft; laat ons op denzelven ons verheugen en verblijd zijn. Och Heere, geef nu heil; och Heere, geef nu voorspoed.« Uit de keuze dezer tekstwoorden kunnen wij afleiden, welk een vreugde er leefde in het hart van alle Gereformeerden in deze plaats. Boven verwachting was de weg voorspoedig geweest. Aller bede richtte zich nu tot den koning der kerk, die het jonge stekje in het leven kon behouden en wasdom geven. Aan den zegen des Heeren heeft het niet ontbroken.

Zoo had men dan nu een eigen kerkformatie in de plaats, maar aan den welstand ervan ontbrak nog veel. Er was nog geen kerkeraad, geen predikant en geen eigen kerkgebouw. Naar Art. 39 der Dordtsche, toen geldende kerkenorde deed de classis, hetgeen anders den kerkeraad

Sluiten