Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opschietend, tt«vte§ vfx' épfirfisvxeg, met opgeheven borst de vlakte doorijlen, jipoa asipófxsvot p{[xcpa npxawuai xs'Xsv5sv. Zoo vaak ik aan dit teekenachtig beeld denk, komt mij in den zin: „wat, indien de vier hengsten op 't klappen der zweep eéns allen een anderen kant waren uitgesprongen? Zeker zouden zij dan niet „schielijk den weg afleggen."" Plato vond 't al bedenkelijk, wanneer van een tweespan het eene paard niet eenswillend was met 't andere, en leidde er pessimistische beschouwingen uit af omtrent de menschelijke ziel, die hij bij zulk een tweespan vergeleek; en zullen wij dan niet 't hoofd schudden over een wagen, getrokken door 12 of meer paarden, die alleen in 't gareel loopen, wanneer dat toevallig met hun luim en individueele opvattingen strookt? Of wilt gij een meer nationaal beeld : wat moet er terecht komen van een boot, bemand met een 20-tal roeiers, die elk naar eigen inzicht en methode, naar eigen kracht en geoefendheid, op eigen gelegenheid de roeispaan hanteeren? Meent iemand, dat de dressuur gelukken zal van een paard, dat door een dozijn pikeurs, die er ieder een eigen systeem op nahouden, tegelijkertijd gedresseerd wordt? En zal dan wat slecht is voor de dressuur van een paard, goed zijn voor de opvoeding van een mensch? Inderdaad er behoort de gansche volle Nederlandsche maat van den hartstocht van het individualisme toe, om zulke onweersprekelijke ongerechtigheden kalm aan te zien en jaren achtereen te dulden. Dit alles is zoo vanzelf sprekend, dat ik verder over de noodza-

Sluiten