Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in arbeidsvermogen van plaats; ook gedurende den val van een lichaam blijkt dus de wet door te gaan, dat de som van arbeidsvermogen van beweging en van plaats voor het stelsel: aarde en lichaam, constant blijft. Hetzelfde geldt, om een ander voorbeeld te kiezen, voor het stelsel door de aarde en de zon gevormd: hoe dichter in haar elliptische baan de aarde bij de zon is, hoe minder dus het arbeidsvermogen van plaats, hoe sneller ze zich beweegt: de som der beide hoeveelheden arbeidsvermogen blijft steeds dezelfde.

Wel zien we dus deze wet reeds in vele gevallen doorgaan, maar niet minder talrijk, meenen we op het eerste gezicht, zijn de gevallen waarin ze niet waar kan zijn. Denken we het vallende lichaam van zoo even gevallen, dan is de snelheid verdwenen en van een constant blijven van een zelfde hoeveelheid arbeidsvermogen schijnt geen sprake te kunnen zijn; eveneens bij een spoortrein, die zich met groote snelheid beweegt en dus een groote hoeveelheid arbeidsvermogen van beweging bezit en door het remmen binnen enkele seconden stil staat. Het is duidelijk, dat men zonder ingrijpende veranderingen in de denkbeelden, bij dergelijke gevallen niet verder kwam. De hinderpaal, zelfs nog in de eerste helft dezer eeuw , was de meening dat warmte een soort stof was, die wel is waar onweegbaar gedacht werd, maar waarvan men toch aannam dat de hoeveelheid bij alle warmteverschijnselen constant bleef. Het gelukte aan Mayer, Joule en Helmholtz aantetoonen, dat een hoeveelheid warmte kan ontstaan en verdwijnen, dat men haar niet als stof maar als een vorm van arbeidsvermogen beschouwen moet. Joule bracht door dalende gewichten een as in draaiende beweging; aan de as waren schoepen bevestigd; as met schoepen waren in een bak met water geplaatst; langzaam daalden de

Sluiten