Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

riviertjes onder water gezet. Zij zijn door d ij k j e s omgeven en heeten natte rijstvelden of sawah's. Men vindt deze niet alleen in do vlakten, maar ook tegen de berghellingen. Rijstvelden, die niet kunstmatig besproeid worden, heeten droge rijstvelden.

9. De dierenwereld, de fauna van het oostelijk deel van Insulinde, verschilt nogal van die van het westelijk deel. Het westen heeft Azië's groote zoogdieren, o. a. vele a p e n-soorten, koningstijgers (op Java en Soematra), panters (op Java. Soematra en Borneo), olifanten (op Soematra en Borneo), rhinocerossen (op Soematra en Java), evers en herten; slangen (waaronder de soms 5 ö 6 M. lange pythons, die herten kunnen dooddrukken). Het oosten heeft alleen eenige buideldier-soorten. De parad ij s vogels komen vooral op Nieuw-Guinea voor.

De veeteelt is in Insulinde niet belangrijk. De buffel of karbau, dient voor last- en trekdier. Op Madoera en in Oost-Java wordt de buffel veel vervangen door het rund. Geiten zijn er veel. F.r zijn slechts kleine paarden, die meer als rijpaard dienst doen Kippén worden zeer veel gegeten.

De zeeën zijn zeer rijk aan vischsoorten. De bewoners v..n onze Oost zijn over 't algemeen ze^er bedreven in de vischvangst.

10. Insulinde wordt bewoond door de Maleiers, de Papoea's en de Immigranten.

Tot het Maleische ras behoort de bevolking van den westelijken Indischen Archipel, meer bepaald die van de fïroote en Kleine Soenda-eilanden. De Maleiers zijn roodbruin, soms ook geelbruin. Hun hoofd is plat en breed, het haar grof, zwart en sluik. De baard komt bijna niet tot ontwikkeling. De jukbogen steken iets vooruit. Zij zijn in zich zeiven gekeerd en geven zelden blijk van verrassing, aandoening of iets dergelijks. Echtbreuk en giftmenging zijn onder hen zeer algemeen en aan het opiumrooken (amfioenschuiven) zijn velen hunner verslaafd.

Tot het Papoeasche ras behoort de bevolking van den oostelijken Indischen Archipel. De Papoea is grooter. dan de Maleier, donker roetkleurig, kroesharig, gebaard en behaard. Hij heeft een lang gezicht, eenen grooten vooruitstekenden neus en uitpuilende wenkbrauwen. Hij is ruw, onstuimig, prikkelbaar en luidruchtig; hij spreidt dus zijne aandoeningen ten toon. in tegenstelling met den Maleier. die ze verbergt.

De Maleiers zijn het beschaafdst in Insulinde. vooral die Maleiers, die in aanraking zijn gekomen met de Hindoe's, onze stamverwanten in Voor-Indië. Vooral op Java vestigden dezen zich en brachten het eiland tot eene groote ontwikkeling. Van de Hindoes zijn het Boedhisme en Brahmanisme afkomstig.

De Maleiers der binnenlanden heeten halfbeschaafde Maleiers. Hiertoe worden o. a. gerekend; de Bat aks op Soematra, de D a j a k s op Borneo en de A 1 f o e r e n op Celebes en de Molukken. Onder de beschaafde Maleiers heeft zich de Islam genesteld ; de halfbeschaafde Maleiers zijn óf heidenen of christenen-

De Immigranten kan men verdoelen in twee groepen, nl. de vreemde Oosterlingen en do Europeanen.

Tot de eerste groep rekent men : deChineezen. die ten getale van ± i millioen in Xed.-Indiö verspreid zijn. Zij worden door hun eigen hoofden, die den titel dragon van majoor, kapitein of 1 u i t en a n t. volgens de voorschriften van ons Gouvernement bestuurd. Zij leven in do steden als handelaars, geldschieters of opiumpachters.

Sluiten