Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I.

De toestand van den bodem in Friesland en Groningen in het tijdvak waarin de eerste Terpen *) werden aangelegd.

Als wij ons rekenschap willen geven van het ontstaan en de geschiedenis der Terpen, dan moeten wij ons in de eerste plaats afvragen: In welken toestand verkeerde de bodem, in Groningen en Friesland, toen daarop de oudste terpen zijn opgeworpen?

De Geologie en de Geschiedenis beiden leeren, dat de laatste vervorming van dien bodem toen reeds ingetreden was.

De lage veenen van Zuid-Holland, Noord-Holland, Utrecht, Overijssel, Friesland (Westergoo en Oostergoo), Groningen (Hunsingoo en Fivelingoo) hebben vroeger één geheel uitgemaakt Daartoe behoort zelfs het lage veen van Zeeland, waarvan nu nog een laag onder de latere zeeklei vorming bestaat of althans ten deele nog overig is Deze veenformatie moet in een zoetwaterbekken zijn geschied, achter den duinwal; dit bekken was begrensd aan de landzijde door het diluvium, aan de zeezijde door den duinwal. Aan de diluviale

1) In het vervolg bezig ik steeds het woord „Terp" en zelden het woord „Wierde" of „Werd". Want de naam Terp kan niet verkeerd verstaan worden. Het woord Wierde of Werd wordt wel in Groningen op Terpen toegepast, maar in het algemeen past het op een aanwas, een waard. Zoo is in Groningen Selwerd een aanwas van de onde Hunse, waarop het klooster Selwerd is gebouwd, waarvan abten bekend zijn. Ruigwerd of Rnigewaard is een aanwas aan den mond van de Hunse, thans het Reitdiep, enz. enz.

Sluiten