Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben, hoe veertien- vijftienjarige leerlingen elkaar precies weten te vertellen dat een klein ongeval hem gemakkelijk het dubbele aan rente kan bezorgen van 't geen zij per week verdienen!

„Trouwens, wanneer niet de rentezucht der gegadigden de voornaamste factor is, hoe is 't dan te verklaren dat de gestadig toenemende frequentie juist de kleine ongevallen betreft?... Typeerend zijn bovendien de cijfers bijblijvende ongeschiktheid: van de blijvende volledige ongeschiktheid (dus van de ernstige verminkingen) daalde het percentage van 4.64 in 1886 tot 1.16 in 1898; dat van de blijvende gedeeltelijke ongeschiktheid (verlies van een vinger enz.) steeg van 38.84 tot 49.33."

De Schrijver wijst' er verder op, dat in Oostenrijk en ons \ aderland hetzelfde verschijnsel van het reusachtig toenemen van de ongevallenfrequentie is waar te nemen.

Vier zeer belangrijke artikelen over de werking van de ongevallenwet in dit opzicht bevatte van de hand van Dr. G. C. BOLTEN vóór eenigen tijd Het Vaderland1).

De Schrijver acht het vast te staan als een paal boven

) Achtereenvolgens in de no. s van 1 Aug. (ochtend-en tweede avondblad), 3 Aug., 4 Aug. des vorigen jaars. De Schrijver merkt ook het volgende op: „letterlijk niets van het vele, wat de tegenwoordige medische wetenschap kan bijbrengen om het lot der lijders te verzachten v en hun kwalen tot genezing te brengen, wordt den werkman in de verzekerplichtige bedrijven onthouden en in dat opzicht zijn zij ongetwijfeld in betere condities dan die leden der burgerij, die door hun betrekkelijlijken welstand niet in een ziekenfonds kunnen zijn, en wien vele dezer behandelingen stellig al spoedig veel te kostbaar zouden worden."

Dit komt overeen met wat de Hoogleeraar Winkler eens schreef, toen hij opmerkte, dat de vooruitgang der medische wetenschap het meest ten goede komt aan de meer- en aan de mindervermogenden. Aan de eersten, die alles betalen kunnen, en aan de laatsten, die alles gratis ontvangen.

Sluiten