Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beroepswerk verkreeg, dat de missionaire dienaren des Woords in het land mochten komen, maar meer ook niet. Bovendien onderhielden zij dezen met hunne verdiensten.

Het derde land, waarheen in 1771 een arts, de Chirurg Brasen, toog, is Labrador. Slechts twee jaren mocht hij in de zending dienen. Bij eene stormachtige kustvaart verloor hij het leven (1773).

Eindelijk heeft het oudste zendingsveld der Broedergemeente, West-Indië, een tweetal artsen gehad, aan de missie verbonden, namelijk op Jamaica te Nieuw-Eden, Dr. P. J. Plantavan 1759— 1779. Hij kreeg geen opvolger, evenmin als Dr. Seitz, die op St. Jan zich vestigde, totdat hij naar zijn vaderland terugkeerde, waar hij in 1817 te Christiaansfeld (Noord-Sleeswijk) stierf.

Een andere Zendingsvereeniging, die eenen arts in verband met de zending reeds in de 18e eeuw gehad heeft, is het Eng. Bapt. zendinggenootschap (E. B. M. S.) Die arts is John Thomas. In 1783 ging deze voor het eerst naar Voor-lndië als scheepsdokter. Bij dit en nog bij een tweede bezoek zocht hij eene deur, om met missionairen arbeid daarbinnen te gaan wat hem gelukte in dienst van den vromen beambte Charles Grant in Bengalen. Ook vertaalde hij een deel van het N. T. in het Bengaalsch. Na drie jaren rondgereisd te hebben in het Malda-distrikt, keerde hij in 1792 terug naar Engeland en bood er zijne diensten aan het pas opgerichte Baptisten-zendinggenootschap aan. Hij werd in 1793 met den beroemden Carey uitgezonden; en gedurende de rest zijns levens tot zijnen dood in 1801, was hij min of meer nauw verbonden aan de zendelingen van Serampore.

Men zegt, dat Krishna Pal, de eerste bekeerling van het Hindoïsme in Noord-Indië, den eersten gunstigen indruk van het christendom kreeg, toen hij patiënt van Dr. Thomas was, alsmede dat buitensporige vreugde, tijdens diens doop, den geest des missionairs zoo verwarde, dat zijne opsluiting voor eenigen tijd in een asyl noodzakelijk was. Tot ons leedwezen moeten wij hierbij voegen, dat zijn wandel en zijne schulden den zendingsarbeid van Carey meer geschaad, dan bevoordeeld hebben.

Sluiten