Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. Agra Medical Missionary Training Institute.

Te Agra, eene stad in Noord-Indië, welke meer dan 100.000 inwoners telt, verrees in 1881 de „Agra Medical Missionary Training Institute". Stichter dezer kweekschool voor missionaire artsen uit de inboorlingen is Dr. Colin Valentine, die zijne stichting in 1886 met de Edinburgsche Vereeniging voor Medische zending (E. M. M. S.) in verband heeft gebracht.

Deze C. Valentine ging in 1861 als missionair arts der „Vereenigde Presbyteriaansche kerk van Schotland" (thans vereenigd met de Vrije kerk van S.) uit naar Radschputana. ') Onder de grootste zwarigheden en de bitterste miskenning der bevolking heeft hij jaren achtereen gearbeid te Beawr (Biaur) in den staat Mairwarra, tot het hem gelukte, bij gelegenheid eener cholera* epidemie in de stad, bij de inwoners door zijne bereidwillige en met goed succes bekroonde hulp de overtuiging te wekken, dat hij tot hen gekomen was, om voor hen het goede te zoeken naar lichaam en ziel. Na eenige jaren van ingespannen arbeid moest hij, ter herstelling zijner diep geschokte gezondheid, de koele toppen van den Himmalayah opzoeken. Op zijnen weg derwaarts passeerde hij Jeypore. Terwijl hij daar toefde, ging hij ter audiëntie bij den Maharadjah (vorst), die hem, in den loop van het gesprek, meedeelde, dat een zijner meest geliefde Ranees (gemalinnen) zeer zwaar ziek was en de inlandsche doctoren haar opgegeven hadden, aan welke mededeeling hij het verzoek voegde, of Valentine haar eens wilde bezoeken. Deze stemde daarin toe en het gelukte hem, den aard der ziekte van de Ranee te onderkennen. God zegende zijne geneesmiddelen en de zieke genas. Vóór dezen tijd had geen zendeling toestemming kunnen krijgen, om zich in dezen staat op te houden. Na de herstelling der Ranee werd Dr. Valentine het voorstel gedaan, te Jeypore te blijven als 's vorsten lijfarts. De geneesheer deelde toen den Maharadjah mêe, dat hij een zendeling was en

') Onder Radschputana verstaat men de 15 vorstendommen met de hun onderworpen vazal-rijkjes, die liggen tusschen de Pandschab en het plateau van Maliva. Het volk behoort tot een stam, die zich aldaar neerzette.

Sluiten