Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vangen de studenten aan de Medische school der regeering, het godsdienstig onderricht en de oefening in het praktisch werk van den missionairen arts in het „Training Institute". Na voltooiing hunner studiën leggen zij het examen af, dat, bij welslagen, hun een volledig artsdiploma aanbrengt. De student woont in het „Institute" en krijgt den kost en de voor de studie noodige boeken. Voor hem wordt jaarlijks ƒ 120.— betaald aan de inrichting óf door de Zendingsvereeniging, die hem naar Agra zendt, öf door zendingsvrienden, die hem laten opleiden. Hierdoor wordt de persoonlijke belangstelling in de jeugdige missionaire artsen uit de inboorlingen levendig gehouden en de Direkteur rapporteert aan degenen, die betalen, over het gedrag en de vorderingen van hunne beschermelingen.

Precies als in het Livingstone Memorial te Edinburg worden de jonge medici voor hunne toekomstige taak voorbereid door eene geneeskundige en evangelisatorische opleiding aan eene bij het „Training Institute" behoorende polikliniek. Zij houden daar korte bidstonden en toespraken, waarvoor zij toegerust worden door een grondig onderwijs in de heilswaarheden. Aan eene bepaalde kerkleer sluit deze stichting zich niet aan. Episcopalen, Methodisten, Presbyterianen, Baptisten enz. werken en bidden hier samen, slechts vervuld van de begeerte, zondaren naar Jezus te leiden. De vraag naar jonge missionaire artsen uit de inboorlingen is grooter dan het aanbod. In 1901 heeft Dr. Valentine om gezondheidsredenen zijnen arbeid moeten neerleggen. Op reis naar het vaderland stierf zijne vrouw. Hij zelf is in 1905 overleden te Teignmouth in Devonshire.

Hij was een man van een groot verstand en een kinderlijk gemoed. Zoolang hij in zijnen arbeid was, werkte hij veel met de pen en schreef zoowel in het Engelsch als in het Hindoesch. Zijn hart was steeds warm voor ongelukkigen. Zoo verzamelde hij tijdens den hongersnood van 1900 28900 rupies voor hen, die honger leden. lederen Zondag preekte hij in zijne „Bedelaarskerk" te Agra, voor eene verzameling van verminkten, kreupelen, blinden en behoeftigen, aan wie hij ook aalmoezen uitdeelde.

Sluiten