Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenigde Vrije kerk van Schotland, als een teeken van achting en ter dankbare erkenning van zijn schitterend medisch werk in Marwar, gedurende 20 jaren. Sept. 1905." Omstreeks denzelfden tijd kreeg Dr. S. eene dankbetuiging van het Comité tot leniging van den hongersnood, waarin ook vele heidenen zitting hadden.

Te Udaipur eene stad van ongeveer 46.000 zielen in den Staat Mewar was het vooral een edelman, Schijamel Das, die de zending bestreed. Doch nadat Dr. Shephard zijne kranke dochter had genezen, wat de inlandsche geneesheeren tevergeefs beproefd hadden, veranderde hij geheel. Van toen af werd hij een trouw vriend der zending en de missionairen, die 9 maanden lang in tenten hadden gewoond, mochten een zendingshuis bouwen. Het hospitaal te Udaipur, een schoon gebouw, thans met 64 bedden, is een geschenk van den Maharadjah van Mewar. Voorts vindt men in Rajputana Nasirabad, meteen hospitaal van 24 bedden en eene polikliniek. Eindelijk valt nog Ajmer (Adschmir) te noemen, waar twee mannelijke miss. artsen J. Husband en R. G. Robson en twee vrouwelijke miss. artsen, de gezusters Campbell, arbeiden aan een hospitaal van 20 bedden. Die polikliniek werd in 1905 bezocht door 68.499 patiënten.

Het jongste zendingsterrein der Vereenigde Vrije kerk van Schotland is Mandschurije. In 1880 is de arbeid hier begonnen door de Vereenigde Presbyteriaansche kerk van Schotland. De missionaire artsen Christie, Westwater, Young e. a. hebben veel zegen op hunnen gewichtigen arbeid gezien. Toen Dr. Christie zijnen miss. med. arbeid te Mukden in 1882 aanving, in een Chineesch huis, deden zijne Chineesche collega's hun best, hem tegen te werken waar zij konden, en het volk scheen door dezen het liefst gediend. Ook 't bijgeloof der menschen stond hem vaak in den weg bij zijn werk. Maar eene toen ter tijd heerschende cholera-epidemie maakte het hem gemakkelijk, het vertrouwen der bevolking te winnen. Zelfs de hoogere kringen der Chineesche maatschappij kwamen onder zijnen invloed, al viel het moeielijk de beambten, die het Evangelie welgezind waren,

Sluiten