Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beweging. Door met de beperkte krachten die zij nog pas bezat, op een engbegrensd doel aan te sturen, kon zij zeker zijn het ten slotte te zullen bereiken. Het denkbeeld kwam zoo zeer overeen met den tijdgeest, dat het niet alleen door Lette's mond tot uiting kwam. Op het congres van duitsche arbeiders-vereenigingen deed Moritz Müller het voorstel, dat staat en gemeenten aangezocht zouden worden, industriescholen voor vrouwen te stichten, want „de vrouwen zijn tot eiken arbeid gerechtigd waartoe zij de geschiktheid bezitten"; het silezisch nijverheidscongres nam een motie aan ten gunste van het handelsonderwijs voor vrouwen en van het aanstellen van vrouwen bij den post- en telegraafdienst; en in Leipzig, waar een gepensioneerde kapitein, A. Kom, in zijn „Allgemeine Frauenzeitung" de zaak der vrouwen krachtig verdedigde, riep deze in hetzelfde jaar dat Lette in Berlijn zijn voordracht hield, een vrouwenconferentie bijeen, die onder leiding van de oude strijdster Luise Otto stond. Ook hier werd enkel het vraagstuk der uitbreiding van den vrouwelijken werkkring behandeld. Het practische resultaat was de stichting van de Algemeene Duitsche Vrouwenvereeniging, als wier doel „de verhoogde ontwikkeling van het vrouwelijk geslacht en de bevrijding van den vrouwenarbeid van alle belemmeringen" geprocla- f meerd werd. ') Terwijl de te Berlijn in het leven geroepen vereeniging van Lette door mannen geleid werd en vrouwen alleen ten bijstand nam, stelde de Leipziger vereeniging zich terstond op een radicaler J standpunt, door Luise Otto als presidente te kiezen en mannen zoowel van het bestuur als van het lidmaatschap uit te sluiten. Hier streden dus voor de eerste maal de duitsche vrouwen persoonlijk in georganiseerd verband voor haar rechten. Zij wie door de reactie als het ware de mond gesnoerd was, waagden het nu ook weer in woord en schrift haar zaak voor te staan. Dezelfde eenzijdigheid die reeds de Lettevereeniging kenmerkt, spiegelt zich ook in haar eischen af en bewijst dat de uit zuiver economische beweegredenen ontsproten strijd om arbeid de oorsprong der burgerlijke vrouwenbeweging is. „Wij verlangen slechts dat de arena van den arbeid voor de vrouwen geopend worde," had Auguste Schmidt, de eigenlijke woordvoerster der Algemeene Duitsche Vrouwenvereeniging uitgeroepen. 2) „De eenige emancipatie die wij voor onze vrouwen nastreven, is de emancipatie van haren arbeid," 3) schreef Luise Otto. En Fanny Lewald—Stahr, die van zichzelve meedeelt dat zij in het geheim heeft moeten arbeiden, daar het voor meisjes van

•) Zie Luise Otto Peters. Das erste Vierteljahrhundert des AUgemeinen Deutschen Frauenvereins. Leipzig 1890. Blz. 2 en vlgg.

2) Zie Luise Otto, Das Recht der Frauen auf Erwerb. Hamburg 1866, blz. 80.

3) T. a. p., zie voorwoord.

Sluiten