Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loochend, en uitdrukkelijk bepaald dat de meisjesschool het deelnemen der vrouw aan de algemeene geestesontwikkeling der vrouwen mogelijk moet maken, doch haar inrichting met de natuur en de bestemming der vrouw rekening te houden heeft. De duitsche vereeniging voor middelbaar onderwijs voor meisjes, die een jaar later in het leven trad, plaatste zich op dezen grondslag, en toen in hetzelfde jaar het pruisisch ministerie van onderwijs er toe overging zich met het vraagstuk bezig te houden, stelde het zich ook op dit standpunt, doch deed aan de vrouwenbeweging in zooverre een concessie, als het verklaarde dat de opleiding tot toekomstigen beroepsarbeid aan bizondere instellingen opgedragen moest worden. Zulke instellingen te stichten moest evenwel geheel aan het particulier initiatief overgelaten blijven. Een buitenlandsche vrouw, Miss Archer, was het, die het eerst daartoe den moed had, door onder den naam van Victoria-Lyceum in Berlijn een inrichting in het leven te roepen, waar meisjes die de school doorloopen hadden, zich verder wetenschappelijk ontwikkelen konden. Bijna tien jaren later werd de Humboldt-Academie in Berlijn tot gelijk doel gesticht, zonder dat beide vooreerst op practische resultaten konden wijzen, wijl de studie in deze inrichtingen tot geenerlei examen recht gaf.

In dezen geheelen tijd was de agitatie der vrouwen voor hare zaak een zeer bedeesde. Zij beperkte zich haast alleen tot de werkzaamheid in de vereenigingen. Daarentegen werd de pennestrijd over haar voor en tegen sinds Sybels optreden levendig voortgezet. De strijdvaardige pen van Hedwig Dohm trad van den aanvang der zeventiger jaren in dienst van de vrouwenbeweging '). terwijl de zachtaardige pen van Louise Büchner door inachtneming van traditie en vooroordeel de lezers trachtte te winnen. 2) Zoo werd wel is waar de opmerkzaamheid meer dan vroeger op de vrouwenkwestie gericht, maar van openbaar belang was zij niet.

Op het eind der tachtiger jaren ontwikkelde zich een levendiger beweging ten gunste van het wetenschappelijk onderricht der vrouwen. Uit ontevredenheid met het voorzichtig optreden der Algemeene Duitsche Vrouwenvereeniging, die buitendien haar krachten vaak verspilde, werd de Vereeniging „Frauenbildungs-Reform" in het leven geroepen, die de oprichting van meisjesgymnasia en het openstellen van universiteiten tot haar uitsluitend doel nam en dadelijk in 1888—89 aan de ministeries van onderwijs en de volksvertegenwoordigingen van alle staten een verzoekschrift richtte om te mogen deelnemen aan de toelatings-

1) Zie Hedwig Dohm, Der Frauen Natur und Recht. Tweede druk. Berlijn. Uitgave van F. Hahn (zonder jaartal).

2) Zie Luise Büchner, Die Frauen und ihr Beruf. Vijfde uitgaaf. Berlijn 1884.

Sluiten