Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maagd. Evenals de fabrieksarbeidster is zij niets dan een arbeidsmachine, elk spoor van persoonlijke verhouding tusschen heer en knecht heeft-opgehouden. De uitbreiding van het gebruik van landbouwmachines, de vervanging van landelijke winterbezigheden door de fabrieken, waardoor het meer en meer aan werk voor de opgezeten arbeiders ontbreekt, de uitbreiding ten slotte van het spoorwegnet dat het verkeer vergemakkelijkt, heeft het trekken der landarbeiders overal begunstigd. Vaak, zooals b.v. in Frankrijk, is het niet-georganiseerd binnenlandsch trekken, vaak worden echter ook buitenlanders, zooals in Frankrijk Belgen, in Oostenrijk Italianen, in Duitschland Italianen, Oostenrijkers en russische Polen ingevoerd. In grooteren omvang georganiseerd trekken vindt men echter slechts in Duitschland en Engeland. Agenten, ware slavenhouders, drijven in beide landen de menschenkudden tezamen en voeren ze troepsgewijze naar de plaats harer bestemming. Zij staan als opzichters met den moreelen, vaak echter ook met een zeer stoffelijken zweep bij den arbeid achter hen, want dikwijls richt zich hun loon naar de arbeidsprestatie der arbeiders. Het trekken van engelsche landarbeiders was nog in het bizonder berucht, daar haast uitsluitend kinderen werden aangeworven en tengevolge van hun volkomen weerloosheid tegenover de koppelmeesters tot het uiterste uitgebuit en in hun loon bedrogen werden. In dezen ergsten vorm is het stelsel tegenwoordig vervallen, zonder dat het trekken daarom opgehouden heeft. In Duitschland heeft het onder den' naam van „Sachsengangerei" den grootsten omvang aangenomen.

Zijn ontstaan en zijn naam heeft het te danken aan de beetwortelsuikercultuur in Saksen, die gedurende bepaalde tijden het aanstellen van talrijke arbeidskrachten noodig maakt. Meer en meer werden de trekkende arbeiders ook voor iedere andere soort landarbeid gebezigd. Zij recruteeren zich uit de oostelijke provinciën van Pruisen en bestaan grootendeels uit jonge meisjes. Voor 1890 werden 75.000 personen geteld, die zich van Brandenburg, Pommeren, West-Pruisen, Posen en Silezië op reis begaven. >) Op saksische goederen komen op 150 mannen 337 meisjes. 2) Het normale loon voor haar bedraagt 1 Mk., terwijl de mannen gemiddeld 50 pf. meer verdienen. 3) Er komen echter ook loonen van 1,50 tot 3 Mk. voor. 4) Buitendien wordt woning, gedeeltelijk ook kost, - natuurlijk bij lager loonen, verstrekt. Teekenend is, dat het onderscheid tusschen de belooning van mannen- en vrouwenarbeid

1) Zie K. Kaerger, t. a. p., blz. 257.

2) T. a. p., blz. 43.

3) Zie Herkner, t. a. p., blz. 212 en vlgg.

4) Zie Schriften des Vereins für So/.ialpolitik, LUI, le deel, blz. 134.

Sluiten