Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deze bepaling is zeker zeer opmerkelijk en verdient navolging; werkelijke waarde heeft zij echter eerst dan, wanneer de beambten ook in staat zijn, alle arbeiders voldoende te controleeren. Daarop is echter niet de minste kans. Een betere weg, om de doorvoering der beschermingswetten te waarborgen, schijnt diensvolgens te zijn, om de verantwoordelijkheid daarvoor over een reeks van personen uit te breiden en zoo een soort vrijwillige inspectie te scheppen die de staatsinspectie ondersteunt. De engelsche wetgeving heeft voor bepaalde bedrijven in dien geest besloten en den ondernemer ervoor aansprakelijk gesteld wanneer zijn arbeiders onder voor de gezondheid gevaarlijke voorwaarden te werk gesteld worden. Deze bepaling kan echter slechts in zoover van nut zijn, als het den toestand der werkplaatsen in sanitair opzicht betreft. Het gewichtigste echter, de zekerheid van den arbeidstijd, der rusttijden, der kraamvrouwenbescherming enz. enz., kan daardoor niet gewaarborgd worden, daar ook de ondernemer geen voortdurende controle uitoefenen kan en zich daartoe ook niet gedwongen ziet, want hij weet veel te goed hoe zelden de overtreding der voorschriften geconstateerd zou worden. Wat Thun van een rijnlandsch industrieel verhaalt, die, toen hij wegens het overtreden van de wet op den kinderarbeid tot een geldboete veroordeeld werd, uitriep: „Dat verdien ik in acht dagen wel weer op de kinderen," ') zou zich hier met eenige variaties herhalen; de verantwoordelijkheid zou dus niet alleen door den ondernemer gedragen moeten worden. Beatrice Webb doet den voorslag, dat ook de huisheer en verhuurder der werkplaats aansprakelijk gesteld moet worden. 2) In New York is deze eisch gedeeltelijk tot wet verheven en de huisheer moet bij zekere bedrijven er voor instaan dat de goederen eerst dan vervaardigd worden, wanneer de aangifte der werkplaats bij de inspectie-autoriteiten heeft plaats gehad. Verder dan deze bepaling schijnt mij het aansprakelijk stellen practisch ook niet te kunnen gaan, daar anders een voor den werkplaatshouder en zijn gezin ondragelijke plagerij van den kant van den huisheer zou ontstaan. Heeft de huisheer of zijn vertegenwoordiger — en men stelle zich eens goed voor welk soort menschen dat gewoonlijk zijn en hoe zij steeds van wantrouwen tegenover den armen arbeider vervuld zijn, — het recht, zijn huurders te controleeren, dan kan hij het bestaan van hen die hem uit een of andere oorzaak niet bevallen, ondragelijk maken, gezwegen nog van allerlei misbruiken die het gevolg zouden zijn. Deze

1) Zie A. Thun, t. a. p., blz. 21.

2) Zie Beatrice Webb, Sweating: its Cause and Remedy, Fabian Tract Nr. 50, London 1894, en dezelfde, Comment en finer avec le sweating system? in de Revue d'economie politique, Parijs 1893, bl?. 963 en vlgg.

Sluiten