Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hebreërbrief, want de Joodsche traditie had zich ijverig genoeg met haar bezig gehouden. Zij was juist een uitstekend voorbeeld van rechtvaardiging, >indem sie — eine Siinderin im zwiefachen pragnanten Sinne, — als Heidin und Hure — Zu einer »Gerechten», namlich Zu einer Mitbiirgerin Israels und Ahnfrau des davidischen Hauses erhaben worden war. Lag aber dies Beispiel der ersten ins Gottesvolk aufgenommenen glaubigen Heidin nahe genug, wievielmehr das des Abraham, des Stammvaters Israels, dessen Adelsbrief bei Gott — «Abraham glaubte Gott, und das rechnete er ihm zur Gerechtigkeit* — auch ohne Römer- und Galaterbrief jedem Israeliten gelaufig war« (S. 35).

Nu pleit wel is waar Gen. 15:6 naar onze opvatting veel meer voor de Paulinische beschouwing, dan voor die van Jacobus. Maar ook hier hebben wij in het oog te houden, dat Jacobus afhankelijk is van de Joodsche traditie, met name van 1 Makk. 2 : 32. Dat Jacobus werkelijk het voorbeeld van Abraham niet ontleend heeft aan eenig geschrift van Paulus, wordt ook wel duidelijk, als men er maar op let, hoe hij het voorbeeld van Abraham gebruikt. Immers, hij wederlegt volstrekt niet het Paulinische gebruik van deze plaats, maar zeer getroost en naief gebruikt hij het voorbeeld voor zijne stelling. «Seit wann ist es denn Vernunft und Sitte, etwas Controverses, das ein Andersdenkender zu seinen Gunsten angefiihrt hat, als etwas fiir die entgegengesetzte Behauptung selbstverstandlich Sprechendes dein Gegner in Form einer triumphirenden Frage vorzuhalten, wie Jacobus 2: 21 — 25 thut?« (S. 36). Deze manier van argumenteeren bewijst juist, dat

Sluiten