Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vinden. Een vaste gedachtengang bestaat bij Jacobus niet; voorzoover samenhang aanwezig is, berust deze vaak op toevallige »Ideenassociationen«. De Jacobusbrief is meer dan enkel eene compilatie. Men kan toch niet zeggen, dat stukken als 2 : 14—26, 2 : 1—7, 4 : 13—16 eenvoudig afgeschreven en overgenomen zijn. Eén bepaald thema vinden wij in den brief niet De schrijver heeft de bedoeling aan de lezers eene reeks van beproefde regels voor een waarlijk Christelijk leven in te prenten. In 108 verzen treffen wij 54 imperativi aan; hieruit leeren wij verstaan wat eigenlijk de brief is : eene boetpredikatie.

De brief is werkelijk katholiek, bestemd voor de geheele Christenheid. Wanneer er sprake is van »broeders«, «mijne broedersf, «mijne geliefde broeders», dan hebben wij daarin rhetorische figuren te erkennen (vgl. ook 2 : 20 <0 dv&QWTit kok). Op bepaalde toestanden van eene enkele gemeente wordt nergens gedoeld, van persoonlijke relaties tusschen schrijver en lezers blijkt niets; de brief mag dan ook nauwelijks een ♦ brief« heeten. Eene reden om het opschrift van den brief te scheiden bestaat er niet. Oogenschijnlijk is er veel, dat er voor pleit den brief aan den bekenden Jacobus toe te kennen. Maar er zijn tal van bezwaren, die ons er toe brengen hem te plaatsen tusschen 125 en 150. Of hij bepaald te Rome geschreven is, kan niet worden uitgemaakt.

Evenals Schwegler stelt Pfleiderer den Jacobusbrief op ééne lijn met den Herder van Hermas. »Heide Schriften sind ein Protest der schlichten praktischen

Sluiten