Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tjytjaaaiU (i : I en 2), SitxQifrt/rf en xqitui (2:4), dvtkfoj en ihog (2: 13), nxaxaaxuTov xuxnv (3:8), tfcavo^mt) en d(fu vt^oufv?] (4: 14).

In 1 : 10 vinden wij eene soort van oxymoron: de rijke roeme op zijne vernedering. Zijne beelden zijn zeer talrijk: 1:6, 10 v., 14 v., 18, 23 v.-, 2 : 26; 3: 3 vv.; 11 v.; 4:14; 5:4, 7, maar niet altijd even gelukkig (2 : 26). Ook houdt onze auteur er van om wat hij heeft te zeggen en te vermanen, toe te lichten door voorbeelden, ontleend aan de historie (2 : 21, 25; 5 : 10, 11, 17 v.).

Zeer opmerkelijk is het ontbreken van den genet, absol., van den accus. c. infin., van den optativ. in onzen brief. Verder is het gebruik van partikels zeer klein. Wij vinden a» op twee plaatsen (3:4 en 5 : 7), maar in beide geval'en schijnt het woord niet tot den tekst te behooren. In 4:4 alleen vinden wij óg iuv. Verder ontbreekt de tegenstelling uw ... Sc, in 3: 17 alleen vinden wij Slechts op twee plaatsen vinden wij iVa (1 : 4 en 4 : 3), maar agoc, inu en ü><sn ontbreken geheel.

Is het gebruik van partikels dus zeer klein, zeer groot daarentegen is het aantal woorden of spreekwijzen, die in het N. T. alleen in onzen brief voorkomen of in die beteekenis worden gebruikt. J) Opmerkelijk is daarbij, dat deze z.g.n : «^<*1 h/opmct vooral ddar

') Vele dezer z.g.n. >eyoptv* vinden wij ook in deLXX, bv.

zqs\m», zaTi'/jTÜizt, Ta'/zutupsiv, fpivaêiv, ®/,oytÏ£(v, zevtu;, T/,-01,

CTOTOjSpwraj (Jac. 5:2, Ta t^arta . . . wrropptmx ysyovsv — Job 13 : 28, «ftareo» amoBp'jiron), azaraoraro;, (Dan. 2 : 35), aXuzoc, TpoTzri,

Tpxjfoua.

Sluiten