Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gevonden worden, waar — om met Feine te spreken — »wo sich die Sprache zu kraftvollem Schwung steigert» (S. 140, Anm. 1). Dit laatste nu is vooral het geval in de pericope 5 : 1—6. Wij vinden hier de volgende: oAoA.ufn»- (5:1), ifi/irni' (5:2), at/TOpnairoj (5:2), rifiau) (5 : 4), TQVifaio (5 : 5), xunovaiïat (5 : 3), dyvavtQïiv ( 5: 4). Verder kunnen wij noemen: »uv (4:13 en 5:1), (iSiaxQirog (3 : 17), üxaiaacaroj (1 : 8 en 3 : 8) 1), dXvxoi (3 : 12), dt>ti.tog (2: 13). (1 : 6), rinnoaarog (l : 13) 2) nnlv>i

(1 : 6), dnoxunv (1 : 15 en 18), riTToaxiaa/xa (1 : 17), fioil (5 : 4)> Pqvuv (3 : 11), yihu>i (4 : 9), Saipoviiodtji (3 : 15). Supu^og (1 : 8 en 4:8) s) i/itpvroj (1:21), ivaXiog (3:7), (1 : I4)>

totxtvat (1 :6 en 23), imbja/iovj] (1 : 25), tnicirtjfiutv (3 : 13), vu intTijSna (2: 16), nmti&t/j (3: 17), ivnQtnacc (1 : I I), iyi]litQOf (2. 15), ^wctTf/tpOQoa (3:8), ftgt/axoi (i : 26), xuxojiuiïtiu (5: IO), xari/qina (4:9), xtvwj (4: 5), Xantafrat rivog (i '.4 en 5 ; 2:15), naQan>ta&<xi (1 ; 11), fityuluv^nv (3 : 5)» ^ttuyitv (3:3 en 4), voiiodtrtjt (4:12), ódt 6 (4: 13), o,uo(a>(5<,- (3:9), nanalXaytj (l : 17), ttixooj (3:11 en 14), Ttoitjni,• (i : 25), noujTtji ipyov (i : 25), noXuifTtXuyxfog (5:11) '), tïqo(MotioX^(iTTTtii> (2:9), ('nm&iv (1 : 6), {ivnuQta (1 : 2l), TakainuiQtii> (4 : 9), rayyi (i : 19), rtjorri/ (1 : 17), rpojjoi' (3 : 6), vtroj TTijioïftoj xai oytfioi (5 : 7), vltj (3 : 5), Ifdia (4 : 4), yloyfoiv (3 : 6), cfntaanv (2 : 19), %u'kivuyu>ynv (1 : 26 en 3 : 2), XQV (3 • IO)> XQL"S0^a'(' rvXtoi (2 : 2).

]) Op de laatste plaats wordt ook wel gelezen a-xaTa^sroc, welk woord elders niet voorkomt.

'-) In eene andere beteekenis komt het woord voor bij Jozefus, Bell. Jud. V, 9, 3; VII, 8, 1.

:!) Dit woord komt + 20 maal voor bij Hermas, ook afgezien van en avpvyjot.

4) Vgl. o.a. Hermae Vis. IV, 3, 5 en Sim. V, 7, 4.

Sluiten