Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 29.

De secretaris eener gezondheidscommissie wordt bij ongesteldheid, afwezigheid of ontstentenis vervangen door een der leden, door den voorzitter aan te wijzen.

Art. 30.

Elk lid eener gezondheidscommissie geeft, wanneer hij voor langer dan drie dagen zijne woonplaats verlaat, daarvan vooraf kennis aan den voorzitter.

De voorzitter doet deze kennisgeving aan den secretaris.

Art. 81.

De gewone vergaderingen eener gezondheidscommissie worden gehouden op zoodanige plaatsen, dagen — de Zondagen en algemeen erkende Christelijke feestdagen uitgesloten — en op zoodanige uren als de commissie in haar reglement van orde vaststelt.

Buitengewone vergaderingen worden, onverminderd het bepaalde bij artikel 17, 2° lid der gezondheidswet, door den voorzitter belegd, zoo dikwijls hij of de commissie dit noodig oordeelt of dit door ten minste een derde van het aantal leden schriftelijk, met opgave van redenen, is verzocht.

Hetgeen in de artikelen 5, 6 en 7 voor den centralen gezondheidsraad is bepaald, geldt ook voor de gezondheidscommissiën. Op hare secretarissen is van toepassing hetgeen aan het slot van artikel 7 omtrent de overige leden bepaald is.

Art. 32.

De voorzitter eener gezondheidscomissie of anders deze zelve, kan de voorbereiding van hetgeen, waarover zij heeft te besluiten, aan sub-commissiën of aan een der leden opdragen.

De vergaderingen eener sub-commissie kunnen ook elders dan in de gemeente waar zij haren zetel heeft, worden gehouden en kunnen op uitnoodiging der sub-commissie door de inspecteurs van de volksgezondheid worden bijgewoond.

Art. 33.

De leden eener gezondheidscommissie zijn verplicht in eene vergadering over alle zaken, waarover een besluit moet worden genomen, hunne stem uit te brengen. Zij onthouden zich van mede te stemmen over die zaken, welke hen, hunne echtgenooten, of

Sluiten