Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

107. Voorrecht van dienstboden. — Kilgour v. Creditors of the Lisbon Berlin Transvaal Gold Fields Ltd. III. K. 86. 1886.

Bedienden en aangestelden, die geen huisdienstboden zijn, zijn geen bevoorrechte schuldeischers.

V. ERFRECHT.

a. Executeur.

108. Afzetting. — Boshoff va. Boshoffs Executors. I. K. 49. 1878.

Gronden voor afzetting van executeurs; Art. 26 Wet 12. 1870.

109. Aanhangig proces. — Pr el Ier and De Vi Uiers va. Muller. T. K. 100. 1879.

Bevel tot verbetering van dagvaarding door vervanging van den naam van gedaagde door dien van zijn executeur.

ItO. Afzetting. — In re Potgieter. 11. K. 53. 1853. (Holl. uitg. 61).

Afzetting van executrice wegens krankzinnigheid; benoeming van beheerder; Art. 27 Wet 12. 1870.

111. Afzetting. — Ex parte Els. 11. K. 141. 1884. (Iloll. uitg. 163).

Gronden voor afzetting en voorloopige conservatoire maatregelen.

112. Benoeming. — Ex parte J. S. Joubert. II. K. 141. 1884. (Holl. uitg. 163).

Bij weigering van den tot executeur in het testament aangewezene om in het land te komen, is de Meester van het Hooggerechtshof bevoegd tot zelfstandige executeursbenoeming.

Sluiten