Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vormde of Gereformeerde Gemeente van Rustenburg. O. R. 1895. 26.

Bevel tot overlegging van papieren ter inzage van

eischer reeds vóór dagvaarding.

286. Bewijslast. — E. A. Skeen vs. J. A. Kay. Z. A. R.

Rapp. 1893. 245. ,

In casu rust op gedaagde de bewijslast, dat eischer

geen bevoegd geneeskundige is.

287. Openlegging van stukken. — W. iï. Rog er s W-Het

Gezondheidscomité van J ohan nesburg. O. tt.

1894. I. 46.

Het Hof is bevoegd het openleggen van schrifturen te bevelen.

Aanteekeningen.

He wijski acht van afschriften. — Wet 5. 1892. L. W. 90/93 bi. 416 over bewijskracht van gewaarmerkte afschriften van openbare

akten.

b. Verjaring.

288. Edict van 1540. — S. H. van Diggelen vs. W e pene r. O. R. 1894. I. 38.

De korte verjaring bepaald in art. 16 van het Placaat van Karei V van 1540 is in Zuid-Afrika van kracht en toepasselijk op het salaris van een wetsagent.

289. Edict van 1540. — Little vs. Rot h man. O. R. 1895. 265.

In art. 16 van het Placaat van 1540 beteekenen de woorden «koopmanschap ter slete geleverd" goederen in 't klein en voor consumptie verkocht.

290. Licentiegeld. - Cardinaal m. Regeering der Zuid-Afrikaansche Republiek. O. R 1897. 2a4.

I)e vordering tot betaling van licenfiegelden verjaart

niet in een jaar.

Sluiten