Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

the Lreole character... I he greater number and fullness of tlie vowels in Spanish, as compared witli the Frencb, wliicli give the syllables a structure more nearly resembling that of the African languages, by inaking the Spanish easier to acquire, may have been less favorable to the Creole tendency, just as the fact that the English is already so thoroughly creolized in its grammar bas undonbtedly been an obstacle to flirther progress in that direction 1)". Of deze verklaring van Van Name juist is, betwijfel ik; zijn opmerking omtrent de meerdere of mindere vatbaarheid der talen om Kreools te worden, is dat echter wel. t Negerhollands — ook dat der spreekwoorden en zegswijzen — heeft veel minder niet-Europese eigenaardigheden dan b. v. t Frans van Mauritius, dat op zijn beurt weer minder Kreools is dan 't Frans der Antillen. Daarentegen zie ik niet in dat het Spaans zo veel minder gunstig is voor „the Creole tendency", getuige het Papiements. De betrekkelike weerbarstigheid van onze taal kan niet, gelijk met het Engels het geval is, door een reeds zeer vereenvoudigde vormleer verklaard worden.

De verschillende graden van „kreolisering" kan men dikwels in hetzelfde land waarnemen, al naar de slaven — en de slavinnen! — in verschillende graad van intimiteit met de blanke bevolking verkeren, en deze meer of minder in schriftelik en kerkelik gebruik der Europese taal een korrektief heeft voor kreolisering; want de blanken nemen al heel spoedig de Kreoolse eigenaardigheden der kleurlingen over. Oldendorps onderscheiding van het Kreools der negers en het „feiner" gesproken Kreools der blanke bewoners heeft dus niets verras-

') Van Name, blz. 125. Het Negerengels van Suriname schijnt hem tegen te spreken, doch hier heeft men blijkbaar met een biezonder, nog niet opgehelderd geval te doen. Schuchardt (Kreol. Stud. I, blz. 15) neemt aan dat het Negerengels op een voorafgaand Negerportugees „gepropft ist, so das zunüchts ein anbequenien an poi tugiesische Lautsitte stattfand". Henrici (blz. VIII) geeft een paar proeljes van 't Negerengels der Slavenkust die beter in overeenstemming zijn met de opvatting van Van Name: Thetn massa no be fit for go bush (deze heer is niet geschikt om in 't binnenland te reizen) en He live for find him, but no look him (hij is bezig het te zoeken, maar kan het niet vinden). Een geheel verhaal ineen dergelijk Engels, gesproken op St. Kilts, vindt men bij W. A. Paton, Down the islands, a voyage to the Caribbees, London, 1888, blz. 296.

Sluiten