Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NAZOMER

Nu komt een rij van glinsterlichte dagen, De lucht lijkt wel een klare, diepe zee Waarover kleine, blanke scheepjes jagen,

Die voert de wind naar vreemde kusten mee. Nu drijft een nevelwade door de weide

Waarin de popels nog groenglanzend staan, Nu gloeit een dieper purper op de heide Langswaar de donzen, bruine bijtjes gaan.

Nu komen vroege, vriendelijke nachten,

Diep rozerood vloeit weg in mat opaal En rustig glanzend staat de maan te wachten

Op de eerste frische morgenzonnestraal. Met jonge kracht gaat door de wijde landen

De oude herfct in 't rijkgetinte kleed,

Blij brengend in de sterke, koele handen Een vreugde, waar de zomer niet van weet.

Sluiten