Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O REINE GLORIE VAN GODS WIJDE LUCHTEN

O reine glorie van Gods wijde luchten Waar nog geen mensch zijn ijdel spel mee speelde, Diep-blauwe waatren, waarop zwanenvluchten Van witte wolken drijven in stille weelde,

Beroosde velden waarin schaapjes weiden — Zacht-donzen kudde, die zich vleit in ruste — Smaragden zeen waar de zeilen glijden Naar verre, lichte, goudomgloeide kuste.

O wilde schoonheid van de sombre dagen: Grijsgrauwe bergen, waar der winden koning Na 't grillig spel met woeste regenvlagen, Terugtrekt naar zijn schuimbespatte woning. Gordijnen die het heiligdom omhuiven Van 't groote licht, dat even, bij zijn daling Uw donkre plooien wel doet openwuiven En helder tint in violette straling.

Wat doet gij ons naar vogelwieken zuchten, O reine glorie van Gods wijde luchten!

Sluiten