Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

Je korte krulletjes in de wind

En je handjes vol boterbloemen,

Stap je door 't gras, m'n klein, grappig kind, Waar de bijen en juffertjes zoemen.

Achter in t veld wuift een bloesemboom

Zoo sierlijk zijn rood-witte twijgen, Met gloeiende koontjes en 't hartje vol schroom I racht je één zoo'n takje te krijgen.

Als ik je straks in je bedje stop

Ligt je speelgoed verwelkt bij de boomen, En toch van ieder zoo'n bloesemknop Moest een rozerood appeltje komen.

Sluiten