Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

helaas! bekennen moet, dat het hem zeiven zeer bepaald niet toebehoort. Bij verschillende richtingen valt er niet zelden een treffende overeenstemming van meeningen te ontdekken, die ons onwillekeurig doet denken aan de Kozakken uit het begin van de vorige eeuw, van wie men verhaalt, dat ze allen op elkaar geleken omdat ze allen op zoo'n lagen trap van beschaving stonden. Ligt het niet hieraan, dat ons persoonlijk leven te zwak is om ons ook in theologicis wezenlijk onszelf te' doen zijn en onze individualiteit tot ontvouwing te brengen? Wij hebben te veel overgenomen, waarvan geen kracht uitgaat. Wij zijn te veel „btichergebildet". Verre van denkbeeldig is het gevaar van overstelpt te worden met een wetens-massa, die wij toch niet behoorlijk kunnen verwerken en die ons maar verhindert ons persoonlijke overtuigingen te vormen en voor ons denken een eigen richting te zoeken. Wij zouden haast bidden om van die overstelping te worden verlost, niet het minst terwille van de godgeleerde wetenschap zelve. Wat baat het ons of de machtige stroom der wetenschappelijke dingen voortdurend rechts en links van ons heengolft? Wat niet per du gaat, dat is toch perdu, onherroepelijk voor ons verloren. Wij verlangen geen compendium van geleerdheid te worden. Wij zijn wezenlijk te goed om ons tot een prachtig gesloten systeem te laten maken. Wij willen mensch worden, in den schoonsten zin van het woord. Hoe meer een mensch mensch wordt, des te meer wordt hij zichzelf, en hoe meer een mensch zichzelf wordt, des te meer wordt hij zich een paradox, ja, maar een levende paradox, die alle dorre stelselmatigheid tot gruizels slaat.

Uit het persoonlijk geloofsleven ontwikkelt zich wat ik bijna zou willen noemen het perceptie-vermogen, dat onze geest behoeft om met vrucht de theologische wetenschap te kunnen beoefenen. Wij krijgen in onze studiën voortdurend

Sluiten