Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoo brak de lang verwachte dag aan; niet popelend hart stond ik aan de eveneens met bloemen en guirlandes versierde barrière.

Eindelijk, nog heel in de verte, het getrappel van paarden; ik werd angstig; hoe zou Marie zijn! Zou ze mij nog kennen'? Zou zij mij nog groeten en tot mij spreken of zou ze en meer en meer naderde een

lange rij van rijtuigen.

Het eerste rijtuig bleef stil staan voorde ijzeren barrière; ik deed het portier open en bijna tegelijkertijd

sprong zij er uit.

„Dag Joseph!" riep zij mij toe en tegelijkertijd reikte

zij mij haar hand.

Gelooft u wel, mijnheer, dat ik toen zoo n aandrang in mij voelde opkomen om haar weer net als vroeger in rn'n armen te nemen, om haar te kussen en haar te vertellen met tal van woorden hoe blij, hoe innig verheugd ik was. Ik hel) natuurlijk dat willen onderdrukt; ik heb slechts <le toppen harer vingeren genomen en fluisterend gezegd: „dag juffrouw de Bertheuil," zonder haar nog te durven aanzien.

„Wel, wel, Joseph, dat heb je mooi gedaan,' zeide ze, terwijl zij haar blikken liet dwalen over de in een lusthof herschapen tuin; „ik dank je wel, Joseph, en ik voelde, dat zij mijn hand drukte.

Nu eerst durfde ook ik mijn oog opslaan tot haar,

maar ik schrok.

Was dat hetzelfde, blozend, bolwangig meisje van vroeger, met dien eeuwigdurenden lach om de lippen, met die dartele, van levensvreugde glinsterende oogen? Zwak, bleek, met ingevallen kaken en doffe oogen

Sluiten