Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Neen, pastoor!"

,>Je moet in het een of ander badplaatsje, waar des zomers veel vreemden komen, een huisje koopen en netjes meubeleeren, dan kan jij er in den winter zelf over beschikken en des zomers verhuur je het aan de komende badgasten."

„Koopen?" .... herhaalde ik eenigszins verbaasd, „een huisje koopen en meubeleeren, dat kost een lieele boel geld, dat

„Ja zeker, dat kost geld," viel hij mij in de rede, „maar of' je nou aan dat kind een gevulden buidel ot vast goed nalaat, dat komt zoowat op hetzelfde neer; het in eigendom hebben van een huisje is zelfs nog voordeeliger voor je. want het verhuren van buitenverblijven aan badgasten brengt een aardig stuivertje op; de interest van het uitgegeven kapitaal wordt je derhalve ruimschoots vergoed en je winterverblijf komt je op ^eene centime te staan. — Enfin, laat mij daar maar eens voor zorgen, Harral; ik beloof je, je zult er geen muleel onder lijden."

„Hij heeft woord gehouden; hij heelt voor een niet al te groote som hier in Alle een aardig huisje voor mij gekocht; 't is eenvoudig, maar met smaak gemeubeleerd; er staat zelfs een piano in; 't heeft dan ook nog geen enkelen zomer leeggestaan; t kapitaal brengt ruimschoots zijn renten op.

„In April, wanneer de schoolgaande kinderen hunne Paaschvacantie hebben, ben ik steeds hier met Marietje. Dan leven wij het gezelligste, het vroolijkste leven ter wereld; dan is dat leven voor ons een nirwana op aarde; dan spelen, dan lachen wij schier den geheelen dag;

Sluiten