Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

koopman-racer klimt weer op zijn twee en dertig kilos zwaar rad.

De Heerlensche kastelein heeft geliik gehad; nauwelijk» is een half-nur verstreken als Galm reedsenke-

len der kampioenen ontwaart.

In lange zigzagstreken over den breeden weg schokken zij voort.

Bij een handwijzer toonen enkelen een onbestemde,

vage neiging den verkeerden weg in te slaan

Hé. hé. hiëre," en Mozes trapt met Herculeskrachten op de houten trappers, „geer gaot verkierd: dat is ,1e weeg nao Kerkrade, dao höb ich gei beer besteld.

„Stik, lielike Sniaus."

Geer zeet neet vrundelik. menier ; höb ich dat noe

aon uch verdeendï Höb ich neet good veur alles ge-

zörreg; heet et uch aon get gemankeerd ? - de gaot

noe mèr d*v weeg op, dao lik Swier. krek veur uch

kolossaal good beer!

Nog een paar honderd meters en een der rijders valt

neer, zwaar log op den grond.

Cahn, als een barmhartige Samaritaan, is spoedig bi, hem; „me wat is dat noe. menierï Zeet geer noe al meuiï ? — nè dan hauw ich e beter idéé van uch gehad, allo staot op, ich zal uch e handsje hellepe, en met inspanning van alle krachten tracht hij den gevallene weder op zijn voertuig te hijsclien.

Te vergeefsch echter. .

Gelukkig is -te door hem taalde hooiwagen met ver meer verwijderd; ri.i" berekening »tameliik jmst geweest; ee„ korte rit, waarbij nog enkele „schopkes tier en hij keert terng met .le groote. lange, bree-

Sluiten