Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niemand kon wagen op te geven, die zich niet ten volle bewust was door God Almachtig gezonden te zijn. Hij zegt aldaar vers 38: „Ziet uw huis wordt u woest gelaten." Dus bepaalt hij een' tijd, en die tijd duurt nog na achttien eeuwen voort. In de eerste eeuwen, na de verwoesting van denzelfden tweeden Tempel, koesterden nog vele Joden de hoop op een spoedig herstel, en nooit was die hoop dichter bij hare verwezenlijking dan onder Keizer Julianus, genaamd de Apostaat of Afvallige. Deze als Christen opgevoede Romeinsche Keizer vatte, zooals bekend is, zulk een haat tegen het Christendom op, dat hij alles in het werk stelde om hetzelve te vernietigen. Onder meer beloofde hij den Joden hulp en geld om hunnen Tempel te Jeruzalem weer op te trekken, kennelijk met geen ander doel dan den Heere Jezus als valschen Profeet te brandmerken, die gezegd had: „Ziet uw huis wordt u woest gelaten.' Maar Julianus kon zijn voornemen niet ten uitvoer brengen, niet omdat de Joden er van afkeerig waren, maar omdat het werk niet vorderde.

Zooals sommige schrijvers, heidensche zoowel als Christelijke, van dien tijd berichten, kwam vuur uit de aarde, toen men de fondamenten opgroef, zoodat de arbeiders vluchtten, en onverrichterzake van het werk moesten aflaten. Ook de Joodsche geschiedschrijver R. D. Gans, haalt deze gebeurtenis aan in zijn werk: „Zemach David" in het 2d0 gedeelte, onder 't jaartal 4127, of volgens de gewone tijdrekening onder het jaar 368. Hij schrijft als volgt: „Deze Keizer (Julianus) beval den Tempel weder op te bouwen met groote pracht en heerlijkheid, en verstrekte daartoe hulpe uit de schatkist. Maar van den hemel werd hij belet aan de voleinding van den opbouw, want de Keizer werd gedood in den oorlog tegen de Perzen in het jaar 368 der Christenen, hetwelk het tweede jaar was zijner regeering." Zoo jammerlijk leed een der stoutmoedigste pogingen schipbreuk, om het karakter van Jezus als

Sluiten