Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eindelijk een krachtiger lang aangehouden streek en de muziek verstomt; tevens neemt ook dat vlug,

O'

wentelend zwaaien der paren een einde. •

Na een kleine poos weer de schutterkoning „en noe ene chasselewiet" ')•

Terstond plaatsen de paren zich ruggelings tegen de muren; op de maat van de muziek schrijden de mannen voort, armen zwaaiend, de beenen hoog in de lucht tot bij de vrouwen, aan den overkant geschaard, hen toelachend, giechelend in meer en meer opgewonden luidruchtigheid; een oogenblik later schuifelen de meisjes voort ook met lachende monden en uitgestrekte armen.

De mannen grijpen haar onder de oksels en, hoog boven hunne hoofden optillend hunne lasten, wentelen zjj rond door de kamer, stootend, bonzend, tegen elkaar.

Immer wilder, woester de pret, luidruchtiger het gejoel, doller het dansen en temet ook talrijker de glazen bier, die de feestvierders verorberen.

Eensklaps een geheel onverwachte verschijning; aan den deurpost, de kleine, gewrongen figuur van een Teut, den rug sterk voorovergebogen, den grooten, .schier tandeloozen mond lachend onder den puntigen, gebogen haviksneus.

„Maog ich binnen kommef vraagt hij beleefd. „Höbs te schoin zake Teut?"

„ Magnifiek, magnifiek; geer kint masschele mit mich make, dè zeet mèr ins" en hij brengt den omvangrijken marskraam, die zijn rug bedekt, naar voren.

') chagser huil, een soort van ijuadrille.

Sluiten