Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Dè Teut, dè Teut" gilt het meisje slechts.

„Alzoo ben je nu overtuigd, dat je den 27st(i" December hebt geteekend als vrijwilliger voor ons leger," weer de soldaat.

„Nein, nein, ich höb geteikend veur e klok, dat kin ich uch bewieze, dat heet de Teut oos zeivers gezag".

„Dan liadt je dien maar niet moeten gelooven; je hadt maar moeten zien, waaronder je je naam zette".

Ich höb mien naom gezat onder andere naom van luu oet Hunneeoven, dat heet de Teut oos gezag en oucli geweze."

De ouderofficier, die tot op dit oogenblik kalm dit geheele tooneel heeft bijgewoond, maakt een ongeduldig gebaar en voegt zijn ondergeschikte toe kort, stroef: „finissez en".

Deze gehoorzaamt en dan plotseling op ruwen toon:

„ Allo nou verder geen praatjes en ga mee".

„Waat" schreeuwt de vader, zich plaatsend vlak voor de soldaten, met zijn lijf beschermend zijn kind, waat zoudt geer mich dè jong ouch wille aofnumme, zoudt geer dè ouch wille kapot make, pront wie dè andere van mich, beule, dat geer zeet" en tegelijkertijd met dat schelden van den vader heften moeder en dochter smeekend de handen omhoog naar hun vijanden, die onbewegelijk blijven staan met koude, onverschillige gezichten, de handen rustend op den loop hunner geweren.

„Allo vooruit weer dezelfde soldaat, terwijl hij ongeduldig de kolf van zijn geweer enkele malen op den grond stoot; wij hebben geen tijd meer, wij

Sluiten