Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T

Congres was. Wat in de eerste plaats betreft de concurrentiekracht der Duitsche industrie, een zaak die de tegenwoordige regeering na aan het harte ligt, zoo is het een feit dat de stand der zaken juist omgekeerd is, dan verwacht werd door hen die, tengevolge van de arbeider-verzekering, een vermindering van concurrentie-kracht der Duitsche industrie tegenover de buitenlandsche, vreesden. Als bewijs daarvoor diene dat de geweldige ontwikkeling der Duitsche industrie juist samenvalt met een systematische verbetering in de positie van de arbeiders.

Kan een goed verzorgde, ontwikkelde, gezonde en tevreden arbeiders-massa niet meer presteeren dan zij die vrijwel aan hun lot zijn overgelaten in den voor hen zoo hopeloozen bestaans-stryd, dien zij vrijwel zonder wapenen moeten strijden, verzwakt door ziekte, zorg, armoede, slechte woningen enz.? En hoeveel maakt de geheele arbeiders-verzekering per arbeider per jaar uit? „Alles in Allem" nog geen 34 Mark! De verzekeringslasten zijn feitelijk een loonsverhooging; een loonsverhooging die de nuttigste is van allen, daar zij op verstandige wijze aan de meest dringende levensbehoeften ten goede komt; een deel waarop niet gespaard mag worden. Dit deel — het constante deel — verhoogt in de eerste plaats den levens-standaard van den arbeider, en zal daarom een tendenz hebben het andere — variabele — gedeelte van het loon te doen stijgen Er ontstaat dus een corporeel krachtiger, een meer ontwikkelde arbeiderbevolking, en het is a priori te verwachten dat industrie en landbouw hierdoor zijn gebaat.

Wij beschouwen dus het loon van den arbeider als bestaande uit 2 deelen: het constante, de arbeiders-verzekerings-last, het eerst en lioogstnoodige; en het variabel gedeelte, afhangende

è

Sluiten