Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wij door Zijne armoede zouden rijk geworden zijn. En zóó is Christus onze eenige grond van verwachting, Hij, Die de oorzaak van al ons gemis, van al ons' van-God-af-zijn, namelijk onze zonde, op Zich genomen heeft en Die tot de boden van Johannes zegt: „Boodschapt Johannes weder, hetgeen gij hoort en ziet: de blinden worden ziende, en de kreupelen wandelen; de melaatschen worden gereinigd, en de dooven hooren; de dooden worden opgewekt, en den armen wordt het Evangelie verkondigd". (Matth. 11 vs. 4, 5.) Zoo is dan deze Immanuöl onze rijkdom.

Hoe komen wij er nu toe, dat wij geholpen worden ? Door het geloof, dat de Heilige Geest in de harten werkt door de verkondiging des Heiligen Evangelies. (Heidelb. Cat. Yr. 65.) Zóó wil de Vader verheerlijkt zijn in den Zoon, als der hulpeloozen God, der armen Helper, en hun Zijne wegen leeren. Wel brengt bij ons de reklame, de liefde of aanbeveling "van eigen persoon, het mede, dat men zich „arme zondaar" noemt. Maar op zelfkennis komt het aan; daarop, dat men zich schuldenaar, arm voor God kent. Anders is men bloot toeschouwer in der armen wereld, terwijl men hunne nooden niet kent. Dan is men rijk en verrijkt en heeft geens dings gebrek. (Openb. 3 vs. 17.) En straks staat men daar als de dienstknecht, wien tienduizend talenten mogen kwijtgescholden zijn, maar die er niet aan denkt, zijnen mededienstknecht de honderd penningen te schenken. (Matth. 18 vs. 23 enz.) Want wie boven de schuld zich verheft, kan ook des anderen nood niet verstaan. Wilt gij uwe schuld voor God nog bedekken met uwe goede werken, bedenk, dat zóó de zegen van

Sluiten