Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn, is het minder te verwonderen dat de vrouw niet zoo in de banden der sex.-moraal, of geslachtelijke zelfbeheersching behoeft te worden gehouden als de man, bij wien dat zeer noodig is, wil hij niet in overdrijving vervallen en zich daardoor lichamelijk en geestelijk uitputten. De vrouw is van nature reeds veel zediger dan de man.

Bij de dieren wordt de beperking in geslachtsdrift opgelegd door de perioden van absolute terugwijzing door het wijfje. Bij den geestelijk hooger georganiseerden mensch (lichamelijk, physisch, bijna altijd geschikt tot voortplanting) moet zij door zelfbeheersching verkregen worden. Ook tracht men dit te doen door wetten en sexueele moraal.

Ik zeide in den aanvang: man en vrouw zijn sexueel verschillend aangelegd. Denkt de man bij een eerste ontmoeting met een vrouw met gevoelens van louter begeerte aan haar, de vrouw zal bedachtzamer zijn en hem eerst willen leeren kennen; dat wil zeggen: dat de man het eerst tot de vrouw zal worden getrokken door haar uiterlijk, daarwa zal hij haar nader wil leeren kennen, om te onderzoeken of haar karakter en andere gemoedseigenschappen enz. haar een geschikte echtgenoote voor hem zou doen zijn. Over 't algemeen geschiedt dat eerst dan, wanneer hij tot zich zelf gezegd heeft: „wat 'n knap meisje of wat 'n knappe (van uiterlijk altijd) vrouw is dat". Bij de vrouw zal dat niet zoo zijn en z.a. Ellen Key ergens zegt: „bij den man komt de ziel door de zinnen, bij de vrouw komen de zinnen door de ziel". Zij kan zoo zijn, omdat in den regel de geslachtelijke begeerte niet wederkeerig is en, zoo al, lang niet zoo sterk. Bij vrije keuze — en dan niet door sociale omstandigheden: geld, positie, familierelaties, enz. gebonden — gaat de man meer op 't uiterlijk af, de vrouw meer op 't innerlijke. Hare keuze is dus degelijker, 't Uiterlijk van den man is voor de vrouw betrekkelijk bijzaak; de hoofdzaak is en blijft haar altijd: het kind 1 Zij kan dus, vrijer van hartstocht, veel beter haar verstand bij de keuze laten gaan, wat mannen bijna niet mogelijk is. Een verliefde jongeling of jonge man is vrijwel ontoerekenbaar: hij ziet enkel haar en denkt Vooral aan haar lichamelijk schoon. En wanneer ouders of vrienden, de buitenwereld, hem waarschuwen voor de een of andere minder goede eigenschap in haar, dan hoort hij 't wel en moet dat dan ook soms wel toegeven, maar in den regel

Sluiten