Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

regeering wordt ingediend, zal het cachet van liet christelijk uitgangspunt dezer regeering dragen. Op dit punt zal bij ieder ontwerp de eerste strijd worden gevoerd. Telkens zal de waarheid blijken van het schoone woord, dat door den Premier in zijne rede van 4 December 1901 werd gesproken : „Dat nu inderdaad alle politiek beheerscht wordt door geloof of ongeloof, is de groote waarheid, de groote gedachte, die reeds door Göthk is uitgedrukt in deze woorden: ////Das eigentliche, einzige und tiefste Thema der Welt- und Menschengeschichte, dein alle Ueberige untergeordnet sind, bleibt das Conflict des Glaubens und des Unglaublens."" De worsteling der eeuwen, de strijd om het recht om (iod te dienen naar Zijn Woord op publiek terrein, zal alzoo in de loopende parlementaire periode ongetwijfeld met groote kracht worden gestreden.

Met name zal de strijd over de vraag, of Gods Woord als regel voor het publieke leven moet worden erkend of verworpen, en of Gods ordinantie als grondslag der samenleving moet worden aanvaard of ter zijde gesteld, met zekere heftigheid worden gevoerd, wanneer het toegezegde ontwerp van herziening der zondagswet aan de Kamer zal worden aangeboden.

uè herziening der bestaande zondagswet wordt door schier alle partijen noodzakelijk gekeurd. De droeve gevolgen voor huisgezin en maatschappij van den geregelde» zondagsarbeid worden door velen ingezien. De eisch eener wettelijke verzekering van zondagsrust wordt door steeds meerderen, zelfs door hen, die de goddelijke ordinantie van den zondag verwerpen, met kracht op den voorgrond gesteld. Ook de Liberale Unie, die den eisch der wettelijke verzekering van een wekelijkschen rustdag op haar program heeft gesteld, wil dien rustdag zooveel mogelijk op den zondag stellen. Ook de radicalen stemmen hiermede in. Hun gevoelen wordt ongetwijfeld met juistheid vertolkt door een artikel van den heer Kerdijk in het Volksblad. De heer Kerdijk bestrijdt daarin de opvatting, dat meer moet worden gehecht aan één dag per ueek runt dan aan zondagsrust.

//Die opvatting heb ik vaak gehoord", schrijft de heer

Sluiten