Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenig overblijfsel Zijner eerste schepping in den mensch is overgebleven, gelijk men ziet, dat ook in de slechtste en verlatenste menschen nog eenige gedachten van het beeld Gods zijn, hetwelk geschiedt, opdat ze te minder verontschuldigd zouden kunnen worden; want, dewijl zij er geen voordeel mede doen, zal hun oordeel des te zwaarder en menigvuldige!- zijn. Ziedaar dan, dat, hoewel onze natuur verdorven is, wij nochtans eenigen geest der genade, die God onzen vader Adam bewezen heeft, behouden, zoodat deze rede waarachtig is, dat het licht in de duisternis schijnt." ')

Houdt mij deze breede citaten ten goede. Het ging om een dubbele uitspraak van Gods Woord. Vooreerst om de uitspraak dat het „licht der natuur" in de schepping is blijven schijnen. Maar evenzeer 0111 het feit, dat dit licht thans schijnt in de duisternis. M. a. w. dat er metterdaad eene natuurlijke Godskennisse is, maar ook dat deze natuurlijke Godskennisse door de zonde èn onzuiver èn onvoldoende is geworden. En tot wien zouden wij, om de exegese dezer uitspraken te ontvangen, ons beter kunnen wenden dan tot den grooten Hervormer van Genève, den Exegeet bij uitnemendheid? Maar niet alleen de Heilige Schrift en de Gereformeerde Exegese leeren de onzuiverheid en ongenoegzaamheid der natuurlijke Godskennisse. Ook het leven toont het en de ervaring van den dag leert het ons.

We staan telkens voor allerlei feiten en toestanden, en worden elk oogenblik voor tal van kwesties geplaatst. Deze dienen echter verklaard, beoordeeld en opgelost te worden. En dat nu kan nooit uit, met en door de gegevens der natuurlijke Godskenisse zonder meer gedaan worden. Hoogstens kan men dan feiten constateeren en problemen stellen en kwesties blootleggen. Men kan dan te weten komen dat iets, en hoe het is, maar nooit vanwaar en waartoe het is. Tot eene beslissing komen of iets waar is of valsch, goed of kwaad, is daarbij onmogelijk. Het is daarom zoo waar

i) Predicatie van Joiianne.s Caiaijn over Johunnes 1 : 1—o.

Sluiten