Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het Verbond der genade, en maakt innerlijk zalig hem die deze klanken verstaan mag. In een der Joodsche boeken wordt aldus gesproken: „Toen God den mensch het aanzijn wilde geven, trad de Waarheid voor Gods troon, en sprak: schep hem niet! hij zal het leven door leugen ontheiligen. — Schep hem niet! zeide de Gerechtigheid, door onrecht zal hij de schoone wereld verwoesten. ~ Schep hem niet! zeide Vrede, door oorlog zal hij zich zeiven en anderen trachten te verderven. Toen trad de Barmhartigheid voor den Alwetende, en bad: O! schep hem, Vader schep hem! Dwaalt hij, struikelt hij, gij zult hem vergeven; want grooter dan zijn misdrijf is Uwe genade." En nu dit „want grooter dan zijn misdrijf is Uwe genade" maakt in zijn vervulling al de zaligheid van de Openbaring in het Evangelie uit, waar Christus Jezus gepredikt wordt om Wiens wille, en door Wiens verdiensten in leven en sterven het alzoo is. En de heerlijkheid van dit Evangelie is zoo groot dat zelfs de Engelen daarboven begeerig zijn er in te zien.

Het is dus om de zuivere volmaaktheid der natuurlijke Oodskennisse zooals die door de H. Schrift ons wordt gegegeven, en om de heerlijke zaligheid van de bovennatuurlijke Godskennisse die ons wordt gebracht door het Evangelie Gods, dat wij boven alles wat er elders is, de H. Schrift in aanbidding, en met dankbaarheid aanvaarden, niet alleen voor de religie, maar voor elk terrein van het leven, voor Staat en Maatschappij, voor Wetenschap en Kunst. Ja ook voor de Wetenschap, die alleen bij het licht van Gods Woord in het algemeen een waar antwoord kan geven op de vragen des levens, en die in het bijzonder het zuiverste antwoord geeft indien zij zich houdt aan de Gereformeerde opvatting van dat Woord des Heeren.

Ik eindig M. H. met de bekende woorden van Da Costa:

Sluiten