Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doch de voordragt der bezwaren is die welligt berispelijk geweest ?

Zeker zal in de hierover geschrevene stukken en ingeleverde adressen meermalen, in toon of uitdrukking, aan drift, aan overhaasting, aan te ver gedreven ijver iets zijn ontvallen; wat misschien daarna, en spoedig, de stellers zelve afgekeurd hebben. Althans, zoo dit geene plaats vond, het eerste voorbeeld zou het zijn van langdurigen twist en twistgeschrijf, waarin vele personen gemengd, en, evenwel bij de eene partij, geenerlei blijken van menschelijke zwakheid zouden opgemerkt zijn. Maar, zonder de feilen te verschoonen door sommigen welligt begaan, zeker is het dat zij uitzonderingen waren, en dat, over 't algemeen, bij de gegrondheid, ook de bescheidenheid der klagten mag worden geroemd. Men heeft zich inzonderheid tot de Synode gewend, als bevoegde magt door de tegenpartij erkend, en die in het oog der adressanten, in zeker opzigt, tegenpartij was. Geachte Predikanten hebben het gedaan ; het Adres van een twintigtal Leeraars, alleen uit den omtrek van Groningen, is bekend. De toon was doorgaans vol nadruk en ernst, maar gematigd, welvoegelijk, beleefd. Men heeft, gelijk nog onlangs de geleerde en bedachtzame Predikant le Roy het uitdrukte, men heeft verzocht wat men allezins vorderen mogt. Niet buitensporig was de strekking en inhoud van het dikwerf herhaalde verzoek. Geene verbanning der onregtzinnigen uit de Kerk, geene verandering in het Kerkbestnur, geene krachtige uitoefening van Synodaal gezag; niets van dien aard: maar geruststelling omtrent de handhaving eener Leer wier handhaving aan de Synode als hoofddoel opgelegd was ; geruststelling omtrent Formulieren waarin die Leer is opgeteekend en waarvan zich, naar het oordeel van sommigen, ook van den President van het Synode, de Kerk, als van een' onwaardigen boei, losgemaakt had. Verklaring omtrent hun voortdurend bestaan; niet om den vrijen geest aan banden te leggen, maar om, zoo lang men in Kerkgemeenschap blijft, waarborgen van geloofsgemeenschap te hebben; niet om aan elke uitdrukking en zegswijze, met kleingeestige letterzifterij te hangen, maar om, even gelijk voorheen, den Leeraar, in de hoofdzaak en althans voor de regtbank van zijn eigen geweten, tot prediking van de Leer der Kerk te verpligten; niet om de Formulieren boven den Bijbel, maar

Sluiten