Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn eigen vrouw en kind om tot de verlossing te geraken. De monnik Sangamaji, die als een Brahmaan geroemd wordt, let zelfs niet op zijn weenend kind, dat door zijne vrouw, toen hij reeds een tijd in de eenzaamheid vertoefde, voor hem gelegd werd ')• Het Boeddhisme is de godsdienst van het egoisme, van het alleen zijn. Het doet den mensch zich zelf en zijn verlossing uit dit lijden als het hoogste achten. Het leven is lijden en alles moet gedaan worden om verlost te worden van de keten der wedergeboorte. De kunst des levens bestaat daarin, dat het karma zijne macht over ons verliest, opdat het ons niet weder voortsleepe van bestaan tot bestaan.

Wij stellen thans do vraag op nieuw: Vanwaar de schuld waardoor iemand gebonden is aan de wedergeboorte? De Boeddhistische Catechismus ') antwoordt: „De wereldorde kent in den diepsten grond loon noch straf, verdienste noch schuld, gerechtigheid noch ongerechtigheid. Alles is noodwendig en natuurlijk gevolg van het eigen juist of verkeerd inzicht, willen en doen. Rechte kennis van de wetten van onze eigen natuur en van het heelal, en gehoorzaamheid aan deze physische, zedelijke en geestelijke wetten is diensvolgens de eenige weg tot bevrijding van lijden en tot bereiking van den eeuwigen vrede, van het Nirvana." Er is dus geen schuld, dan die van het niet-weten.

Dit niet-weten is niet een kosmische macht, niet een oorspronkelijke zonde, maar het behoort tot de aardsche en tastbare realiteit. Het is het niet-weten van de vier heilige waarheden. Het Boeddhisme heeft dus laten varen de gedachten van de Veda's, dat het niet-weten daarin bestaat, dat iemand niet weet dat zijn eigen ik identisch is met het groote ik, met Brahma. Het woord niet-weten behield

') Neumann, Buddhist. Anthologie, S. 226.

l) De Leer van Boeddha, blz. 91.

Sluiten