Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als ze tenminste met Ds LINDEBOOM (bladz. 37) uitroepen: »Gij, DE HARTOG, maakt het zelf duister.... door aan vaststaande dogmatische termen een andere 'oeteekenis te geven.< De eeuwige, blijvende beteekenenis der Goddelijke openbaring is dezelfde geweest bij alle kinderen Gods, alle eeuwen door.

ün gij wilt vaststaande termen! Gij verkiest het petrefact, het fossiel boven het levende wezen?

Is er sinds CALVIJN niets gebeurd? Is de worsteling in het denken der laatste drie eeuwen, een worsteling uit de diepte der menschheid uitbrekende, geheel en al buiten Gods bemoeienis omgegaan ?

Zouden we dat niet eerst eens moeten onderzoeken, in het zweet des aanschijns?

»Wee den gerusten in SionU In de vaste stad onzes Gods.

Of gaat de Gemeente mede doen met de vereeniging »De Dageraad«, die alleen verlichting zoekt en de »duisterlingen« verdacht maakt?

Wie onder water duikt, is eerst verblind. Wie in de diepten der zeeen, naar de parelen van groote waarde afdaalt, moet de .klaarheid* (waar Ds LINDEBOOM zoo hoog op staat) missen. Wie graaft in den akker naar den schat, wie diamanten zoekt in kolenmijnen, hij moet door donkerheid heen. Gemakzuchtigen! wordt deemoedig, heft op de slappe handen, maakt de knieën vast. De Goddelijke waarheid leeft, en daarom wordt ze u niet slechts geboden als klare wijn in schitterende bokaal.

Hij, die de wijnpersbak alleen trad, in duistere diepte en groote angst, staat onder ons.

En nu, ten slotte geantwoord op de mij door Ds LINDEBOOM voorgelegde vragen (bldz. 37 v. v.).

a. Ds LINDEBOOM vraagt, of ik erken Christus te zijn: de tweede persoon der Goddelijke Drieëenheid, als persoon onderscheiden van den persoon des Vaders en die des Heiligen Geestes.

Deze vraag is onvolledig.

Sluiten