Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hun kort, maar bescheiden en vriendelijk, te kennen, dat men hun denkbeelden niet als wezenlijk kan aannemen. Men kan dan daarbij wijzen op God als den Alwetende, die tot in de kleinste bijzonderheden weet wat er in den mensch omgaat en welke gedachten juist en welke onjuist zijn. Menig Schriftwoord kan daarbij tot onderwijzing dienen, en indien men gelegenheid heeft met hen te bidden, kan ook in het gebed de nadruk worden gelegd op de alwetendheid Gods vooral van haar vertroostende zijde.

De waandenkbeelden, die kunnen leiden tot zondige uitingen in woord of daad, trachte men kalm, maar beslist, met uitspraken uit Gods Woord, inzonderheid uit de Wet des Heeren, als zondig aan te duiden, en men vermane den lijder op zachtmoedigen toon, met liefde en ernst in stem en blik, die waandenkbeelden biddend te bestrijden. Ook in het gebed met hem trede de eisch, door God in Zijn heilige wet gesteld, op den voorgrond, maar tevens doe men uitkomen de liefde Gods in de zending van Zijn Zoon tot een verzoening voor onze zonden en tot heiligmaking des levens. Men houde intusschen steeds in het oog, dat het o zoo moeilijk is, het verband en de grens tusschen ziekte en zonde te bepalen, en dat het niet minder moeilijk is, aan te wijzen, waar de ontoerekenbaarheid van den kranke ophoudt en zijn verkeerde uitingen als schuld kunnen worden aangemerkt.

Na het zinsbedrog met de daaruit voortvloeiende waandenkbeelden kunnen we als tweede verschijnsel der krankzinnigheid noemen een ziekelijke gemoedsstemming.

Lijders aan zinsbedrog vertoonen in den regel ook dit verschijnsel. Maar er kunnen ook tal van andere invloeden werken op de lijders, waardoor dit verschijnsel wordt te voorschijn geroepen, en het is vooral het temperament, waarbij zich dit verschijnsel aausluit. Men raadplege hier wat we vroeger schreven over de temperamenten en toetse daaraan de uitingen der lijders ter beoordeeling van de afwijkingen in hun gemoedsstemming.

Reeds bij gezondzinnigen komt het aan op een gelukkige vermenging van temperamenten, die niet aan elkander tegengesteld zijn, gelijk we dit vroeger reeds hebben aangewezen.

Sluiten