Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op al deze gronden blijkt, dat van een liberalistische staathuishoudkunde geen wezenlijk heil voor een volk is te verwachten ; ook niet op sociaal gebied.

Op twee zaken dient ten slotte hierbij nog te worden gewezen; namelijk: dat het stelsel van staatsvergoding steeds meer aanhangers krijgt; doch de toepassing ervan volstrekt niet in gelijke mate voortgaat.

Door den geest onzer eeuw van godverzaking en aanbidding van het schepsel moest de leer der staatsvergoding wel steeds meer als welkom worden begroet. Bij de behandeling van het antirevolutionaire stelsel zal dit straks breeder worden toegelicht.

Toch blijven dezelfde mannen die in theorie (leer) het stelsel omhelzen menigwerf staan voor de toepassing. Ja, niet zelden geschiedt het, dat bij een of ander wetsontwerp onderscheidene liberalen zich aansluiten bij den anti-revolutionair.

't Is ongeveer op de manier als bij het koningschap, 't Kan overbekend worden genoemd, dat het liberalisme in Nederland het koningschap heeft ondermijnd. Volkomen in de lijn was het, en geheel gegrond, toen mr. Troelstra in de vergadering der Tweede Kamer van 12 Mei 1898 zei, te moeten toestemmen dat de liberale partij „de politieke koningsmoordenares is geweest in Nederland, dat zij het hedendaagsche koningschap zijn feitelijke macht heeft ontnomen."

't Was hetzelfde in andere woorden, wat mr. Groen van Prinsterer reeds in 1849 in de Tweede Kamer heeft gezegd, n.1.: „men heeft wel eens de opmerking gemaakt, dat de liberalen in het brengen van hulde aan den persoon van dezen of genen koning zeer mild waren, terwijl de instelling van het koningschap in haar wezenlijke beteekenis en kracht door hen ondermijnd werd."

Het koningschap is door de leer van het liberalisme ondermijnd ; en men herinnere zich maar hoe door liberalen van allerlei gading is gesproken van een: vliegwiel, ornament; eerste staatsdienaar enz. enz.

En toch roepen zij zoo mogelijk 't hardst „hoera" voor de koningin. — Bij de laatste kroningsfeesten waren diezelfde liberalen zoo koningsgezind en zoo vol oranje-enthousiasme, dat ze slechts bij hooge uitzondering een anti-rev. duldden in de feestcommissie; alles moesten ze zelf doen. Evenzoo bij het huwelijk onzer geëerbiedigde vorstin. Op die manier is het nu ook in het sociaal-politieke leven. Hun stelsel brengt mede: staatsvergoding; maar in de praktijk deinzen ze menigmaal een verbazend eind terug. Hoe moet dit worden verklaard? Is dit altijd vrees voor eigen beurs enz.; gelijk de heeren sociaal-democraten onbewezen believen op te merken?

3

Sluiten