Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

talistische maatschappij de oorzaak zijn van allen gruwel en ellende.

Dat met het verdwijnen daarvan honger en ziekte, oorlog en doodslag zullen verminderen.

In de binnenlanden van Afrika leven volksstammen zonder privaat-bezit en ... ze moorden en vechten dat het erbarmelijk is; oorlogen zijn gevoerd door dergelijke volken, welke verdeigingskrijgen moeten geheeten worden.

In de Soc.-Democratische staatsregeling blijft eveneens het zondige hart aan het woord.

Er zal eveneens gelegenheid zijn tot ophooping van bezit. Immers men krijgt voor de uren arbeids, zoovele dusgenaamde certificaten (bewijsstukken welke ruilwaarde hebben). Wie dus vlijtig is enz., krijgt bezit van certificaten, 't Wordt dan maar een andere naam voor dezelfde zaak. En de zucht om al grooter en sterker te worden zal daar evengoed zijn als in onze maatschappij. Ja, 't is te vreezen dat zij, die het bij den vroegeien toestand beter hadden, en zij, die de gelegenheden van vroeger terug wenschten, om er flink bovenop te komen, den strijd in het leven zullen roepen om of terug te keeren, öf de knellende staatsalbemoeiïng af te schudden. Een nieuw soort sociale kwestie alsdan.

Ja, „het knellende juk van staatsbemoeiing." Hierop mag zeker wel gewichtige nadruk worden gelegd. Der overdenking zeer waard is hetgeen ,,Boaz" daarover indertijd schreef:

„Patroons zijn er niet meer. Allen zijn werklieden. De staat is de eenige patroon. En deze keert aan al zijn werklieden de volle opbrengst van hun arbeid als hun rechtmatig eigendom uit. ^ Schijnbaar is dit een groot voordeel der soc. maatschappij. En met nadruk zeggen wij schijnbaar, want tegenover dit groote voordeel staat een nog grooter nadeel; het groote nadeel, dat allen in de socialistische maatschappij hun oekonomische vrijheid geheel zullen moeten inboeten.

Immers zal de staat voor allen kunnen produceeren, wat voor allen noodig is, en zal de reusachtige affaire van den staat goed kunnen marcheeren, dan moeten allen van hun oekonomische vrijheid geheel afstand doen, en moeten allen slechts het werk doen, dat hun wordt opgedragen.

Zou ieder doen wat hij wilde, dan kwam er van het eene misschien te veel en van het ander te weinig, en kwam er een crisis in de socialistische maatschappij, waarbij de grootste crisis der kapitalistische maatschappy nog maar kinderspel zou zijn geweest.

Onverbiddelijke discipline is de onmisbare levensvoorwaarde van de reusachtige staatsfabriek der socialistische maatschappij.

Sluiten