Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beiden ook wel, gevaarlijke, onbilliike, schadelijke bepalingen gaat maken. De taak der overheid is met, om voor alle levensterreinen de wetten te scheppen; maar vooral om hetgeen zich op die terreinen als goed en noodig en dienstig ontwikkelt en aandient, te sanctioneeren (te bekrachtigen en

t8 Medeg°door bet feit der zonde zal men evenwel ontwaren, op elk gebied, dat het dusgenaamd particulier initiatief ot in het heheel niet aan het woord komt of in velerlei opzicht te kort schiet. In dat geval rust dan op de overheid te dezen opzichte een taak, welke evenmin mag worden geloochend, als dat men aan de oveiheid omgekeerd alle menschelijke zelfstandigheid en ontwikkeling zou ten offer °renSen' ,

En eveneens, wanneer b.v. door de actie der werklieden zelf iets goeds is tot stand gebracht, ook dan heeft de overheid een taak te vervullen. . ,, ..

Zoo willen we dan in de derde plaats zien, op welke wijs hier een taak ligt te vervullen door de overheid als zoodanig.

* * *

C De taak der overheid te dezen opzichte.

Dat hier de overheid wordt te hulp geroepen is volkomen

C°DeCStaat is het instituut van het recht, op het terrein der algemeene genade. Zoodra het dus tot botsing komt in de verschillende groepen der maatschappij, zoodra de ondeischei dene levensterreinen in het volksleven hun harmonische ontwikkeling belemmerd zien of ook wel zien verkeeren in disharmonie, en zij niet bij machte zijn zichzelf in de juiste verhouding tot elkaar te brengen, dus de harmonie te herstellen, dan is de Staat, de overheid de aangewezene macht, om hier recht te spreken, en in het juiste spoor te helpen brengen. Een taak, welke in hoofdzaak hierop neerkomt:

a. de overheid sanctioneere, wat als goed tot stand kwam.

b. Zij trede voorts op: helpend; zoo noodig met kracht

^OnTdeze taak aan de overheid toe te kennen, moeten we eerst wederom zien, hoe het Evangelie de overheid qualificeert

(Vaz" h°ta°<;rndea,"»nl wil. Daarin bepaa,, sich haar karakter, en dit geeft haar recht van optreden.

Lichten we dit eenigszins nader toe.

Wij zien n.1. in de overheid niet. een schepping van menschen, maar een gave, een instelling Gods.

Sluiten