Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

?ru t».8 'S0U eenmaaI de opmerking maakt, dat men n Bilderdijks mcdedeehngcn geen beschrijvingen moet zien van

•• °!)J®C!1.eV'n t0Csta,1(1' ^iarin hij verkeert, maar van het bewust«jn da: hij dienaangaande heeft 1), dan spreekt hij slechts uit wat Bilderdijk ons rechtstreeks of zijdelings zelf tc kennen geeft Hi miste voor de vreugde der wereld het eigenaardig orgaan 2) Hi weet, dat hij met zijne constitutie niet genieten en geen vreugde »> leven smaken kan 3), dat hij gelukkiger is hfzijn onglk* an hij in hetgeen men geluk noemt zou kunnen zijn met een 1 hart als het z.jne 4), dat hij alles op eene andere wijze ziet en gevoelt dan ieder het doet, en eene geheel andere wereld heeft daar hij in leeft 5). Het aanzijn op deze aarde heeft geen waarde j0°r ee" b°ezeni'. d,e 8ev°elt 6), die teeder en met nadruk voelt 7). Z0r: . 6 "es 'ieeft (leZe sul)Ject»eve natuur van Bilderdijk

e ne a ^ r' ^ ^ hen' eescll0Ilke» ™

' ? a' * 8ev°ehge ziel in een prikkelbaar gestel, verleiding

aanbrengende tot overprikkeling, tot overdrijving en onmatigheid ; een beklagenswaardige, hoogst gevaarlijke kwaal, maar met fijngevoeligheid en heerlijke poëzy toch op het naauwst verbonden" 8) Deze buitengewone sensibiliteit 9), die Bilderdijk van nature eigen was en door de ervaringen van zijn leven opgewekt en evorderd werd, is de grondtrek in zijne persoonlijkheid, de bron waaruit al z.jne krachten en gaven gevoed werden. Uit deze gevoehgheid laat zich verklaren de wonderbare receptiviteit van zijn gemoed, de aandoenlijkheid voor alwat er in en buiten hem plaats had; de innige belangstelling in groote en in kleine dingen, het koninklijk universalisme van zijn geest. In deze eigenschap wortelt zijn her zelfbewustzijn, zijne zelfverheffing, zijn trotsch, maar ook zijne oorspronkelijkheid, zijne zelfstandigheid, zijne genialiteit Zij is de oorzaak van zijne prikkelbaarheid, ongestadigheid, woeligheid 10), van zijn gebrek aan evenwicht en harmonie, van zijne

II 93 r i; uSMaUr 1886 bL 405- 2) Brieven II205. 3) Brieven i 9^'. 205- 4) Brieven I, 277. 5) Brieven II 82. 6) Dichtw VI178 ')Q,Dl®htw- XI1 12. 8) Brieven II bl. XI. ^niw. vi I7d.

Sluiten